<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Chinasquare.be &#187; Onderwijs &amp; Cultuur</title>
	<atom:link href="http://www.chinasquare.be/category/dossiers/onderwijs-cultuur-dossiers/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.chinasquare.be</link>
	<description>Een infosite van de Vereniging België China</description>
	<lastBuildDate>Thu, 09 Sep 2010 09:08:02 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8.4</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>China stimuleert eigen innovatie</title>
		<link>http://www.chinasquare.be/dossiers/china-stimuleert-eigen-innovatie/</link>
		<comments>http://www.chinasquare.be/dossiers/china-stimuleert-eigen-innovatie/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 07 Apr 2009 18:33:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan Jonckheere</dc:creator>
				<category><![CDATA[Dossiers]]></category>
		<category><![CDATA[Onderwijs & Cultuur]]></category>
		<category><![CDATA[innovatie]]></category>
		<category><![CDATA[technologie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://chinasquare.amazingthings.be/?p=265</guid>
		<description><![CDATA[

 
 
Zowat alle DVD-spelers die in de wereld verkocht worden, werden geproduceerd in China, maar het zijn de Japanners die de intellectuele rechten opstrijken. In persknipsels lees je dat China Europa voorbijsteekt betreffende uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling (R&#38;D), maar eigenlijk heeft een uiterst klein percentage van de Chinese firma&#8217;s de intellectuele eigendomsrechten van de geïmporteerde [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p class="MsoNormal" style="text-align: right; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="right"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;"></strong><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;"></strong></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm 0cm 0pt; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma;"><span style="color: #ff0000;"><strong></strong></span></span></p>
<div id="attachment_725" class="wp-caption alignleft" style="width: 160px"><a href="http://www.chinasquare.be/wp-content/uploads/2009/04/zhonggc.jpg" rel="lightbox[265]"><img class="size-thumbnail wp-image-725" title="zhonggc" src="http://www.chinasquare.be/wp-content/uploads/2009/04/zhonggc-150x150.jpg" alt="Kopen in Zhongguancun" width="150" height="150" /></a><p class="wp-caption-text">Kopen in Zhongguancun</p></div>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt; mso-layout-grid-align: none;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt; mso-layout-grid-align: none;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt; mso-layout-grid-align: none;">Z<span style="color: #ff0000;">o<strong>wat alle DVD-spelers die in de wereld verkocht worden, werden geproduceerd in China, maar het zijn de Japanners die de intellectuele rechten opstrijken. In persknipsels lees je dat China Europa voorbijsteekt betreffende uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling (R&amp;D), maar eigenlijk heeft een uiterst klein percentage van de Chinese firma&#8217;s de intellectuele eigendomsrechten van de geïmporteerde technologieën (0.03%). China zond de afgelopen 25 jaren 700.000 studenten naar het buitenland, maar slechts een minderheid keerde terug&#8230; We proberen in dit artikel een inzicht te krijgen in het vat vol tegenstellingen dat China ook op het gebied van wetenschap en technologie is.</strong></span></p>
<p><span style="color: #ff0000;"><strong> </strong></span><span style="font-family: Tahoma;">Om China’s inspanningen op wetenschappelijk gebied te beoordelen hanteren we vier maatstaven: de technologie-intensiteit uitgedrukt in R&amp;D/BNP, het aantal wetenschapslui op de totale bevolking, het aandeel van R&amp;D in fundamenteel onderzoek en het aandeel van R&amp;D gefinancierd door de bedrijven. Aansluitend analyseren we ook een paar resultaten. De technologie-intensiteit verdubbelde op tien jaar tijd om 1,42 % van het BNP te bereiken in 2006. Daarmee is China het enige land met een laag gemiddeld inkomen dat boven de 1 % van het BNP uitkomt. Hoewel de intensiteit daarbij in de buurt van Canada of Australië komt te liggen, bedraagt het Chinese aandeel voor fundamenteel onderzoek in het totale bedrag echter duidelijk minder: nauwelijks 5 % terwijl dat in de USA, Japan en Korea tussen een kwart en de helft bedraagt. Het aandeel R&amp;D dat door de ondernemingen opgebracht wordt, ligt in China met 57 % iets onder het aandeel in die drie landen, maar is dan weer hoger dan in het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Italië en Canada. Er is op dit punt ook duidelijk vooruitgang vergeleken met onze vorige bijdrage (China Vandaag 1/11/2001)</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Dan de resultaten. Het aantal wetenschappers en ingenieurs bedraagt 10 op 10.000 en dat is vergelijkbaar met Turkije, maar ligt duidelijk achter op Italië (28), Oostenrijk (48), Verenigd Koninkrijk (55) en Canada. Het absolute aantal wetenschappers is uiteraard wel hoog (alleen de USA telt er meer). China overvleugelde het afgelopen jaar het Verenigd Koninkrijk en Japan wat betreft de publicatie van wetenschappelijke artikels. Qua patenten stond China achteraan op de lijst. Vorig jaar was ook op dat vlak een sterke stijging te zien waardoor China wereldwijd op de vierde plaats komt, maar 40 pct van de patenten is wel afkomstig van buitenlandse ondernemingen. Qua export nam het hightech-gedeelte voortdurend toe tot 23 % in 2003, waarbij het land gunstig afsteekt ten aanzien van India, Brazilië en Japan. Van meer betekenis daarbij is dat terwijl in 1995 de buitenlandse ondernemingen in China 80 % van die technologische export vertegenwoordigden, dit percentage afnam tot ongeveer 50 % in 2000. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Feit is dat China op tien jaar tijd zoals enkele andere grote landen een reuzensprong gemaakt heeft en de vraag is hoe dit komt. Als de levenstandaard verhoogt, stijgt ook de vraag naar technologisch intensieve producten- en diensten. Electronica-en telecommunicatie is hier een goed voorbeeld van. In de grote –en middelgrote bedrijven uit deze sector steeg gedurende de tweede helft van de jaren negentig het R&amp;D budget met factor 2,5 om nu 7,5 % te bedragen. China heeft bovendien een geschikte voedingsbodem om de sprong voorwaarts te laten gedijen. De alfabetiseringsgraad van de bevolking is vrij hoog, wat de vraag naar technologisch intensieve producten zoals telecom of computers ook doet toenemen. Ten tweede was de infrastructuur vroeger pover, maar door de snelle invoer van de nieuwste technologieën heeft het land enkele etappes kunnen overslaan, wat bijvoorbeeld het geval is in telecom en auto’s. China’s eerste hybride auto voor massaproductie rolde in december te Chongqing van de band bij Chang’an. Ten derde zetten meer en meer multinationals R&amp;D centra op in de nabijheid van grote consumentenmarkten (zie later). </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Behalve deze externe factoren, speelt de gevolgde politiek ook een doorslaggevende rol. China heeft nu een markteconomie, waarbij de overheid eerder een sturende en superviserende rol speelt. Terwijl de regering in 1991 nog 30 % van de wetenschapsfinanciering op zich nam en de ondernemingen 28 % bekostigden, zakte het regeringsaandeel in 2002 tot een kwart en steeg dat van de ondernemingen tot 57 %, een cijfer dat vergelijkbaar is met dat in de OESO-landen. Merkwaardig is dat tijdens de periode 1995 tot 2001 enerzijds het aantal R&amp;D-toelagen met de helft afnam in het aandeel van R&amp;D-uitgaven, terwijl het aandeel belastingstoelagen met een derde daalde. Dit bewijst dat de ondernemingen zelf de spil geworden zijn in de groei van de R&amp;D, zoals in een markteconomie. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Gedurende de periode van 1995 tot 2001 nam het aantal sterke R&amp;D performers toe van 20 tot 29 % en het aantal grote- en middelgrote bedrijven met een R&amp;D/verkoopsratio van boven 3 % steeg van 544 tot 1581, waarvan er slechts 275 bedrijven met buitenlandse kapitaalinbreng waren. Naast de bedrijven zijn er de onderzoeksinstituten waarvan de regering er 744 superviseert: meer dan de helft van wat de regering besteedt aan wetenschapsfinanciering, gaat naar hen. Deze onderzoeksinstituten besteden 11,6 % van hun R&amp;D budgetten aan fundamenteel onderzoek en dit in vergelijking met 5 % van wat nationaal uitgegeven wordt, dus deze instituten zijn de voornaamste plaats waar fundamenteel onderzoek gebeurt. Overigens werden de meeste van deze instituten hervormd als ondernemingen (al of niet geïncorporeerd of zelfstandig). </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: red;">Buitenlands?</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Vaak wordt zoals G.Gilboy in “The Myth Behind China’s Miracle” gedacht dat de ondernemingen met buitenlandse kapitaalinbreng de innovatiekampioenen zijn. Dit blijkt echter niet te kloppen met de feiten. Volgens een telling uit 2001 bij grote- en middelgrote bedrijven blijkt dat de binnenlandse bedrijven instaan voor 78 % van de R&amp;D uitgaven (waarbij Hongkong of Taiwan ook tot het “buitenland” worden gerekend). Chinese bedrijven haalden de 3,3 % ratio R&amp;D/toegevoegde waarde, terwijl de buitenlandse op 2,6 % stonden wat ook door de OESO toen bevestigd werd. In tegenstelling tot wat Gilboy beweert, komt uit de telling naar voor dat 80 % van de Chinese bedrijven buitenlandse technologie aankopen, terwijl de ondernemingen met buitenlandse kapitaalinbreng vrijwel niets in China zelf kopen, maar wel technologie halen vanuit moeder- of zusterbedrijven. De buitenlandse bedrijven drijven dus zeker niet rechtstreeks de technologie-intensiteit aan maar spelen eerder een rol via onrechtstreekse kanalen.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Uit onderzoek blijkt immers dat de R&amp;D-intensiteit van binnenlandse firma’s het sterkste stijgt in sectoren met hoge buitenlandse kapitaalinbreng. De concurrentie van de buitenlandse ondernemingen spoort dus de binnenlandse bedrijven aan hun technologisch niveau te verhogen. Ten tweede is het ook zo dat de ondernemingen die buitenlandse technologie absorberen, precies diegene zijn die ook het aantal R&amp;D operaties in het bedrijf zelf laten stijgen. Zij die beide vormen combineren, blijken ook meer actieve exporteurs te zijn. Toch moet dit beeld enigszins gecorrigeerd en aangevuld met de inspanningen van enkele honderden belangrijke Amerikaanse bedrijven, waarvan de R&amp;D-intensiteit in China tussen 1997 met 1,1 % groeide tot 9,2 % in 2000 en dit terwijl de gemiddelde intensiteit van deze bedrijven wereldwijd maar 3,3 % bedraagt. Samengevat: volgens de laatste schattingen bedraagt de buitenlandse R&amp;D maar 25 tot 30 % van de totale ondernemings-R&amp;D in China. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Ook werden tussen buitenlandse en Chinese bedrijven samenwerkingsverbanden opgestart met een hoge technologie-intensiteit en dit meer dan in andere landen. Merkwaardig is dat we ook een parallellisme zien tussen enerzijds het steeds groter aantal kleine Chinese R&amp;D-ondernemingen (20 % van het binnenlandse R&amp;D banen) en anderzijds de verdubbeling van het aantal kleine ondernemingen met buitenlandse kapitaalinbreng, hoewel hun aantal nog relatief gering is met 9 % in 2004. Volgens de UNCTAD bevond China zich gedurende 2004-2005 op de derde plaats betreffende aantrekkelijkheid voor buitenlandse ondernemingen om R&amp;D te verrichten, maar de organisatie verwacht dat China tijdens de periode 2005-2009 de topplaats gaat innemen voor de USA en India. Volgens een Xinhua-bericht uit februari die eveneens een UNCTAD-bron citeert, is dit nu al het geval.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: red;">Regio</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Dat de regio’s met het meeste R&amp;D zich aan de kust bevinden, is niet echt een verrassing. Binnen deze oosterse regio vertegenwoordigen de steden Peking en Sjanghai en de provincies Guangdong en Jiangsu al twee derden van de uitgaven in het oosten. Hoewel deze gebieden maar 15 % van de bevolking tewerk stellen, wordt daar de helft geïnvesteerd van alle R&amp;D in China. Onder de provincies in het binnenland zijn het vooral de gebieden die tijdens de koude oorlog de defensienijverheden opbouwden en nadien van reconversiegelden genoten, zoals Shaanxi en Chongqing, die in R&amp;D goed scoren. Een andere studie die verschillende variabelen combineert, geeft het oosten een score van 0,394; het centrum 0,265 en het westen 0,299. Een Wereldbankstudie uitgevoerd in geheel Oost-Azië vond dan weer dat Seoel het hoogst scoorde, maar dat de Koreaanse stad op de voet werd gevolgd door Sjanghai, Guangzhou, Peking, Chengdu in het westen en Tianjin.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Toch is de manier waarop dit gebeurt anders in Peking dan in Kanton. Peking wordt gekenmerkt door een groot aantal onderzoeksinstituten waar R&amp;D in de marge gebeurt bijvoorbeeld door spin-offs of joint-ventures. Vele nieuwe Chinese internetgroten komen uit dit circuit. In Kanton echter voltrekt het R&amp;D proces zich vooral in ondernemingen en veel minder in onderzoekscentra of universiteiten. Sjanghai neemt een middenplaats in tussen de twee modellen. Een derde van China’s hightech export komt uit Shenzhen en daarin wordt Shenzhen belangrijker dan Peking. ICT-producten nemen 90 % in van Shenzhens nijverheidsproductie met een sterk stijgend aandeel voor biotechnologie. 90 % van de R&amp;D gebeurt in de ondernemingen -meestal in de privé-sector-, ook een tegenstelling met de andere steden. Halfweg tussen Kanton en Shenzhen ligt Dongguan, een stad met 6,5 miljoen mensen en maar 1,5 miljoen permanente inwoners. Het verhaal van Dongguan begon in 1978 toen een firma uit Hongkong er de productie van handtassen naartoe verhuisde. Midden de tachtiger jaren kwamen de eerste Taiwanese firma’s en het werd langzaam een hightech nijverheidstad. Tewerkstelling in elektronica en telecommunicatie steeg van 17 % in 1995 tot 34 % in 2000. Er wordt gezegd dat als de weg van Dongguan naar Hongkong versperd zou worden, de levering van computers in de wereld in het gedrang komt. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: red;">Politiek</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Sinds ons vorig artikel (nov. 2001) waarin we schreven over de behoefte aan R&amp;D en meer autonomie voor de onderzoeksinstituten werd veel vooruitgang geboekt. In 2006 heeft een nationale conferentie over wetenschap en technologie een strategisch plan op middellange en lange termijn uitgewerkt. Tot de belangrijkste uitdagingen die het plan wil aanpakken behoren de gefragmenteerde en ongecoördineerde aanpak om te buigen tot een gecoördineerde regeringsaanpak; een promotie van R&amp;D activiteiten te laten uitmonden in een politiek die een innovatievriendelijke aanpak bevordert en ten slotte de “één sjabloon voor alle maten”-politiek om te vormen tot een meer gedifferentieerde en verfijnde politiek op maat van meer gesofistikeerde behoeften. Het plan bevat zestien onderzoeksprojecten, acht prioritaire domeinen qua spitstechnologie, acht dito uitdagingen en vier nieuwe onderzoeksprogramma’s waarvan we u de details besparen. Om dit aan te kunnen wordt de financiering van R&amp;D opgetrokken tot 2 % van het BNP in 2010 en tot 2,5 % in 2020. Het militaire en burgerlijke onderzoek wordt gecombineerd en gecoördineerd. Ook een nieuwe politiek door de banken en fiscale stimuli voor innovatieve nieuwe bedrijven worden voorzien. Er komt een nieuw evaluatiesysteem om onderzoekers te beoordelen en ten slotte bevat het plan ook een nieuwe strategie voor de intellectuele eigendomsrechten.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Dat het niet bij woorden bleef, bewijst alvast het opzetten in juni 2007 van vier strategische allianties op het gebied van industrieel onderzoek, voornamelijk op de domeinen staal, steenkool, chemie en landbouwuitrusting. Het gaat om vier nijverheden die de ruggengraat van de Chinese economie uitmaken. De allianties omvatten 26 leidende ondernemingen (met een totaal van 900 miljard RMB verkoop in 2006), 18 leidende universiteiten en 9 belangrijke onderzoeksinstituten. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Op nationaal regeringsniveau is er sinds 1998 een commissie voor wetenschap, technologie en onderwijs die twee tot vier maal per jaar samenkomt om de strategie uit te stippelen. Een aantal ministeries (vooral Ministerie van Wetenschap en Technologie, Financiën, Onderwijs, Landbouw) werken mee evenals de “Nationale Ontwikkelings- en hervormingscommissie”, de Chinese Academie voor Wetenschappen, de Chinese Academie voor Ingenieurs en de Stichting Natuurwetenschappen. Het is vooral het ministerie voor Wetenschap en Technologie die de rol zou moeten opnemen van coördinatie van alle betrokken actoren en organisaties. Op subnationaal niveau is er een vorm van decentralisatie en deze subniveaus dragen tot 40 % bij in de totale overheidsfinanciering van de wetenschapspolitiek. Hierbij is het de regel dat de horizontale verbanden de voorrang krijgen op de verticale zodat de subnationale regeringen meer te zeggen hebben in de rol van de organismen op hun niveau dan de nationale organismen die boven hen staan. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: red;">Programma’s</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">De uitwerking van de Chinese wetenschaps- en innovatiepolitiek focuste de laatste tijd vooral op het stimuleren van fundamenteel onderzoek. De begroting van de “Stichting voor Natuurwetenschappen” zal gedurende vijf jaren groeien telkens met 20 %. Twee programma’s voorzien fondsen voor de prioritaire hightech domeinen zoals bio-, informatie-, en energietechnologie plus nieuwe materialen. Technologie-innovatie en commercialisatie wordt gestimuleerd door een achttal programma’s en actieplannen. Voorts is er nog steun voor de bouw van infrastructuur en ten slotte wordt ook op het vlak van personeelspolitiek gewerkt aan beloningen voor voortrekkers. </span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">In september 2007 kregen in het kader van het elfde vijfjarenplan prioritaire technologische projecten 1,2 miljard yuan toegewezen op het vlak van landbouw, energie, informatie, leefmilieu, gezondheid en grondstoffen. Betreffende landbouw gaat heel wat aandacht naar genetisch gewijzigd voedsel en naar de voedselveiligheid. Ook worden projecten gesteund voor energiebesparing en het opdrijven van energie-efficiency. In de milieusector gaat de meeste aandacht naar onderzoek op de terreinen van delfstoffen, gekleurde metalen en klimaatverandering. Op het vlak van informatietechnologie gaat de prioriteit uit naar draadloze breedbandcommunicatie, gecompliceerde software, terahertz beeldtechnologie en IP-netwerkmanagement. Bij de gezondheid gaan de middelen naar de preventie en de behandeling van de meest voorkomende gezondheidsproblemen in China zoals hartverlamming, depressie, hepatitis B, hartritmestoornissen &#8230; Bij de interdisciplinaire studies ligt de nadruk op grote bouwprojecten, de bouw van grootschalige zware machines, veiligheid bij supersnelle spoorlijnen, voorzieningen voor de steden in het geval van aardbevingen en preventie van dambreuken.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Volgens een OESO-commentaar zijn de inspanningen van China om innovatie te bevorderen echter nog teveel van bovenuit gestuurd en hebben andere betrokkenen, lees de privé-sector, nog te weinig inbreng. De instelling stelt vast dat het “Toorts”- en het “Vonk”-programma met de meeste middelen gaan lopen. Het “Toorts”-programma stimuleert het oprichten van bedrijven voor hightech in wetenschapsparken, bijvoorbeeld door belastingsvoordelen. Het “Vonk”-programma wil een betere spreiding van technologische kennis in landbouwgebieden door vijfhonderd opleidingscentra te bouwen voor boeren en ondernemers. Volgens de OESO-kritiek ligt de nadruk te veel op het bouwen van infrastructuur en te weinig op het aankweken van een innovatiecultuur. De programma’s die de “human resources”(HR) moeten cultiveren, maken volgens de westerse organisatie op drie gebieden een foute keuze. Kennisverwerving gaat nog steeds boven technologische vaardigheid; talent boven het verbeteren van de kwaliteit of de mobiliteit van de HR (bvb. door trainingen op de werkplaats) en wetenschapscompetentie boven managementcompetentie. De OESO vindt eveneens dat China hightech bijziend is en dat ook in diensten en openbare diensten, vooral in het welzijnswerk, innovatie meer moet gestimuleerd worden. De instelling pleit eveneens voor een betere afbakening van de bevoegdheid van de subnationale regeringen. Ten slotte adviseert ze een betere coördinatie van de politiek en de verschillende programma’s die elkaar vaak overlappen.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: red;">Overzee</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">Tussen 1978 en 2002 verlieten 580.000 studenten het land om overzee te gaan studeren. Daarvan kwamen oorspronkelijk maar 160.000 terug. Sinds het einde van de jaren negentig verhoogde het aantal teruggekeerden drastisch: van 13 pct. in de jaren negentig steeg het tot 45 pct., niet slecht voor een ontwikkelingsland. Enerzijds kwam een omgekeerde “Brain-drain” op gang, maar anderzijds weet China ook dat een deel van zijn studenten/geleerden in het buitenland zal blijven. Het land kan daar trouwens mee leven en heeft een programma uitgewerkt waardoor de diaspora vanuit het buitenland het land kan dienen. Hiertoe behoren korte bezoeken, wetenschappelijke uitwisselingen, het geven van lezingen in China tot en met het betoelagen van gemeenschappelijke laboratoria of bedrijfjes in het diasporaland en China. Zij die terugkeren kunnen rekenen op hulp qua salaris, huisvesting en andere voordelen. Bij zij die tijdelijk terugkeren citeren we de “Canadees-Chinese vereniging voor Uitvindingen en Technologie” die meer dan 100 leden telt en al zes bedrijven heeft opgezet in het land van herkomst. De stichter zegt in Canada te zullen blijven maar spendeert elk jaar een aantal maanden in China. Hij heeft een Taiwanese investeerder gevonden om zijn uitvinding te commercialiseren. Bij elk bezoek wordt hij hartelijk begroet door de burgemeester van Mianyang, waar de zes bedrijven zich bevinden. Zijn poeder-uitvinding die toelaat auto’s te kleuren zonder besproeiing en schade voor de longen, heeft immers de wind in de zeilen.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma;">In een volgende bijdrage hebben we het over de technologiepolitiek in de praktijk, onder meer in de ICT-sector.</span></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-align: justify; margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Selecte Bibliografie</span></strong></p>
<p class="MsoNormal" style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">&#8220;The Guidelines for the Implementation of the &#8216;National Medium‑ and Long‑term Program for Science and Technology Development (2006‑2020)&#8217;&#8221;, Xinhua, 12/03/2006, </span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">China</span><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">&#8217;s Science Project, Government adds funding to scientific research that could strengthen the country&#8217;s economic drive, Beijing Review, Feng Janhua, 1/11/2007</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">China</span><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">&#8217;s R&amp;D Spending Exceeds 300 Bln Yuan in 2006&#8243;, Xinhua, 12/09/2007</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Chinese firms&#8217; R&amp;D spending rises the highest, China Daily, 18/10/2007</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Transnationals Continue To Eye China as Best Choice for R&amp;D&#8221; ‑‑Xinhua</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">7/02/2008 </span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">OECD Reviews of Innovation Policy CHINA, Synthesis Report, OESO, 2007</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Science and Technology in China, Albert G.Z. Hu, National University of Singapore,</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: FR;" lang="FR">Gary H. Jefferson, Brandeis University,<span style="mso-spacerun: yes;"> </span>2910/2004</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: FR;" lang="FR">F.Sachwald, La Chine, puissance technologique émergente, Etudes IFRI, 2007</span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">China</span><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB"> becoming a technological superpower- a narrow window of opportunity by </span></p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"><span style="font-family: Tahoma; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Jon Sigurdson, Working Paper No 194, Stockholm, June 2004</span></p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: windowtext; font-size: 10pt; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Redefining the Brain Drain: China’s ‘Diaspora Option’, Dr. David Zweig, </span></p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: windowtext; font-size: 10pt; mso-ansi-language: EN-GB;" lang="EN-GB">Director, Center on China’s Transnational Relations, HKUST and Dr Chung Siu Fung, </span></p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Tahoma; color: windowtext; font-size: 10pt;">Division of Social Science, HKUST Center on China’s Transnational Relations </span></p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="margin: 0cm -38.3pt 0pt 0cm; mso-layout-grid-align: none;"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-align: right; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="right"> </p>
<p class="MsoNormal" style="text-align: right; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="right"> </p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p class="Default" style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><span style="font-family: Arial; color: windowtext; font-size: 10pt;">China Vandaag 1/04/2008</span></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.chinasquare.be/dossiers/china-stimuleert-eigen-innovatie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Technologie moet brug slaan naar economie</title>
		<link>http://www.chinasquare.be/dossiers/technologie-moet-brug-slaan-naar-economie/</link>
		<comments>http://www.chinasquare.be/dossiers/technologie-moet-brug-slaan-naar-economie/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 07 Apr 2009 16:17:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan Jonckheere</dc:creator>
				<category><![CDATA[Dossiers]]></category>
		<category><![CDATA[Onderwijs & Cultuur]]></category>
		<category><![CDATA[technologie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://chinasquare.amazingthings.be/?p=195</guid>
		<description><![CDATA[ 
 
Hoewel het China niet ontbreekt aan plannen om het technologisch niveau op te tillen, blijken deze nog onvoldoende vruchten af te werpen omdat de scheiding tussen het onderzoek en de toepassing ervan in de ondernemingen nog te groot is. Momenteel wordt zowel gewerkt opdat de ondernemingen meer aan research zouden doen evenals aan onderzoeksinstituten meer [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div><span style="font-family: Arial; font-size: 8pt; mso-bidi-font-size: 10.0pt; mso-ansi-language: EN-US;" lang="EN-US"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;"> </strong></span></div>
<p><span style="font-family: Arial; font-size: 8pt; mso-bidi-font-size: 10.0pt; mso-ansi-language: EN-US;" lang="EN-US"><span style="font-family: Tahoma; color: red; mso-bidi-font-style: italic;"></span></span><span style="color: #000000;"> </span></p>
<div id="attachment_1188" class="wp-caption alignleft" style="width: 160px"><a href="http://www.chinasquare.be/wp-content/uploads/2009/04/hybriedr.jpg" rel="lightbox[195]"><strong><img class="size-thumbnail wp-image-1188" title="hybriedr" src="http://www.chinasquare.be/wp-content/uploads/2009/04/hybriedr-150x150.jpg" alt="Hybriede rijst is een Chinese uitvinding" width="150" height="150" /></strong></a><p class="wp-caption-text">Hybriede rijst is een Chinese uitvinding</p></div>
<p><strong>H<span style="color: #ff0000;">oewel het China niet ontbreekt aan plannen om het technologisch niveau op te tillen, blijken deze nog onvoldoende vruchten af te werpen omdat de scheiding tussen het onderzoek en de toepassing ervan in de ondernemingen nog te groot is. Momenteel wordt zowel gewerkt opdat de ondernemingen meer aan research zouden doen evenals aan onderzoeksinstituten meer als autonome ondernemingen te laten functioneren.</span></strong></p>
<p><strong></strong> </p>
<p><strong>N</strong><strong>i</strong>emand minder dan premier Zhu Rongji verklaart dat hoewel China’s economie niet klein is, de structuur ervan irrationeel, de kwaliteit van de producten pover en de consumptie van grondstoffen hoog en de efficiency laag is. Hij ziet de redenen van dit alles in een achterlijke productietechnologie en in een zwakke innovatiekracht. Het heeft nochtans China niet aan technologieplannen ontbroken de laatste vijftien jaar. Deng Xiaoping bestempelde wetenschap en technologie als een eersteklas productiekracht.  In 1985 werd een systeem afgekondigd om het wetenschapsbeleid op een nieuwe leest te schoeien. In 1986 volgde de formulering van een “High-tech onderzoeks-en ontwikkelingsprogramma” dat een doorbraak beoogde op zeven vlakken: biologie, ruimtevaart, informatie, laser, automatisering, energie en nieuwe materialen. Een jaar later volgde het Toortsplan dat de industrialisatie van onderzoeksresultaten in wetenschap en techniek beoogde. Dat slaagde er deels in om een brug te leggen tussen van wetenschap en technologie enerzijds en de economie anderzijds. In maart 96 pakte het Volkscongres uit met de lange-termijn strategie om de high-tech te promoten in een aantal sectoren de komende vijftien jaar. Hierbij behoren biologie, ruimtevaart informatie, laser, automatisering, energie en nieuwe materialen. Volgens een blauwdruk van een innovatiesysteem naar de 21<sup>ste</sup> eeuw toe wil China 100 researchacademies uitbouwen die aan geavanceerde internationale standaarden beantwoorden, 10 wereldgerenommeerde universiteiten en 20 transdisciplinaire en transregionale research centra.</p>
<p>Toch kunnen de hooggegrepen doelstellingen niet verhullen dat het bedrag wat China aan wetenschappelijk onderzoek besteedt klein is vergeleken met andere naties: China spendeert 0,5 % van het BNP waar dat in Japan 3% bedraagt, in de USA 2,9 % en 2,8 in Duitsland.Van de 0,5 pct wordt dan nog maar 6,1 pct gespendeerd aan fundamenteel onderzoek. China&#8217;s wetenschaps en technologische competitiviteitsindex viel op enkele jaren tijd van de 23ste naar de 28-ste plaats in 1994. Eind 1997 waren er 5819 onafhankelijke instituties in het land die een klein miljoen onderzoekers hadden waarvan de helft wetenschappers en ingenieurs.</p>
<p> </p>
<p>Vijfjarenplannen</p>
<p> </p>
<p>China is reeds een aantal vijfjarenplannen aan het proberen het technologisch niveau op te trekken.  Gedurende het zevende vijfjarenplan werd 6,7 miljoen yuan geïnvesteerd en 10.000 resultaten behaald. Gedurende het achtste vijfjarenplan kreeg het Wetenschapsbeleid 9 miljard yuan wat 60.000 resultaten opleverde. Minister Deng Nan stelde in 1996 vast dat van de 60.000 resultaten er 35 pct waren van geavanceerd technologisch niveau en 36 pct van geavanceerd nationaal niveau. 5000 hadden te maken met nieuwe producten en technologie en 3000 met nieuwe materialen. Toch is de toepassingsgraad in de nijverheid te laag. Slechts 20 pct van de resultaten vinden een praktische toepassing en naar patenten gerekend maar 10 pct.</p>
<p>Gedurende het negende vijfjarenplan werden 150.000 resultaten behaald en bedroeg het aandeel van high-tech in de export reeds 10 pct. Qua technologische innovatie wou China gedurende het negende vijfjarenplan het technologisch systeem vernieuwen “met de ondernemingen aan de basis, de regering als de macro-gids, en sociale diensten actief participerend” zodat een mechanisme onstond “met de markt als oriëntatie, de producten als kop van de draak, efficiency als het centrum” zodat markt, ontwikkeling, productie en marketing nauw op elkaar aansluiten.</p>
<p>Het is de bedoeling dat in het tiende vijfjarenplan zowel wordt gestreefd naar een 20 % aandeel van hoogtechnologische producten in het totaal als naar een high-tech-export van 20 pct. Het  tiende vijfjarenplan wil qua wetenschap en technologie het niveau van de ontwikkelde landen halen uit de negentiger jaren. Van 1993 tot 1998 groeiden de high-tech nijverheden in China met 22 pct per jaar. Het recentste vijfjarenplan wil de technologische innovatie versterken zodat ze een sterke kracht uitmaakt in de economische herstructurering en daarbij vooral een innovatiesysteem promoot. Concreet zou tegen het jaar 2005 1,5 pct van het BNP aan wetenschap- of technologie besteed moeten worden zodat het aantal wetenschappers en ingenieurs 900.000 bedraagt. Tegen 2010 wil het land opklimmen naar de top 10 op wetenschappelijk en technologisch gebied.</p>
<p> </p>
<p>Faling</p>
<p> </p>
<p>Hoewel China’s high-tech nijverheden de jongste 10 jaar snel groeiden maken deze slechts 5 pct uit van het BNP. In ontwikkelde landen bedraagt dit reeds 20 pct. Van de high-tech parken produceren van de 20.000 ondernemingen er officieel 1252 meer dan 100 miljoen yuan. Van 1991 to 1998, bedroeg jaarlijks het gemiddeld groeiritme van de nijverheidsproductie 80 pct. De productiviteit van het personeel groeide drie maal de laatste vier jaren, en de winsten en taksen dertien keer. Ze worden aangemoedigd een doorbraak te maken in elektronische informatie, software, bioengineering, foto-elektro-mechanise integratie, nieuwe materialen, nieuwe energiebronnen en leefmilieunijverheden.</p>
<p>Toch is ook geweten dat de zone in Peking met haar 232 onderzoeksinstituten een tiende van de waarde van de 52 andere zones bijeen produceert. Tien percent van de ondernemingen in die zones presteert beneden de verwachting tot op het punt van een nominaal bestaan. Aangenomen wordt dat China vooral nog geen uitvindingensysteem heeft ontwikkeld met de ondernemingen als voornaamste orgaan.</p>
<p>Het falen van het systeem komt tot uiting in de onvoldoende samenwerking tussen ondernemingen en wetenschappelijke organen; in het falen van het door de staat gespijsde fundamenteel onderzoek; in het onvermogen van de universiteiten om getalenteerde jongeren te trainen voor de ondernemingen met een sterke innovatiegeest; in het falen van de financiële organismen die risico’s terzake vermijden en tenslotte in het falen van intermediaire organen die niet de technologische transfer verrichten&#8230;Ten  tijde van de planeconomie was het de regering die een voortrekkersrol werd verondersteld te verrichten. Nu overgeschakeld werd op een markteconomie wordt geprobeerd de markt de centrale rol te laten vervullen. Hierbij wordt nagestreefd dat de ondernemingen in hoofdzaak de technische innovatie verrichten en dit zodat productie, het aanleren en het onderzoek geïntegreerd wordt.</p>
<p> </p>
<p>Staatsondernemingen</p>
<p> </p>
<p>De staatsondernemingen zijn in hetzelfde bedje ziek. De meeste researchcentra staan enerzijds los van de productie, markt en economie. De ondernemingen van hun kant (in de research vertegenwoordigen de ondernemingen 50 à 70 pct qua kapitaal en personeel  en de onderzoeks- en hoge instituten 10 tot 20 pct) zijn anderzijds weinig ingesteld op technologische vernieuwing en twee derden ervan heeft geen orgaan ingesteld op research. Vooral bij de KMO’s is dit het geval.  Er is nog geen mechanisme dat de ondernemingen helpt om vernieuwend te zijn. Overigens is de technische uitrusting in de ondernemingen maar voor 15 pct van een internationaal geavanceerd niveau. Twee derden is van een ordinair of achterlijk niveau. In de provincie Hunan is de situatie nog erger: slechts 8,6 pct van de 300 grote ondernemingen bereiken internationale standaarden, 17 pct haalt binnenlands geavanceerd niveau en 74 pct is achterlijk. De ondernemingen met buitenlandse kapitaalinbreng van hun kant zijn vaak actief bijvoorbeeld bij het maken van schoenen, speelgoed, kleding, drank of andere sectoren waar spitstechnologie eveneens  beperkt is in omvang. Als dit toch het geval is, blijft de spitstechnologie onder buitenlandse controle.</p>
<p>Om het euvel tegen te gaan, beijvert China tegen eind dit jaar om in 500 sleutelondernemingen technologiecentra op te richten. Ten tweede zal de bouw gestimuleerd worden van technologische centra die nauw aansluiten bij de nijverheden. Ook zullen op stedelijk niveau technologische ondersteuningscentra opgericht die vooral de KMO’s zullen ten dienste staan.  Ten vierde zal de samenwerking gestimuleerd worden tussen productie, academische instellingen en de research. De ondernemingen zullen aangepord worden om technologische uitvindingen te doen. Fiscale stimuli zullen daarbij dienst doen als financieringsmiddel. Vooral jong talent zal aangetrokken worden. Bij de onderzoekscentra is het zo, dat in de negentiger jaren een flinke vereenvoudiging werd doorgevoerd van de administratieve mallemolen zodat deze researchcentra nu 90 pct van hun ontvangsten halen uit de markt en dus op de markt aangewezen zijn voor verdere ontwikkeling. De 242 betrokken onderzoekscentra hangen niet meer direct af van een overheidsmechanisme, maar dat betekent niet dat de overheid geen onrechtstreeks beleid voert dat bijvoorbeeld de high-tech stimuleert of het algemeen klimaat bevordert.</p>
<p> </p>
<p>Innovatie</p>
<p> </p>
<p>China wil nu tegen 2010 opklimmen tot de Top-10 op wetenschappelijk gebied. Daartoe wordt gestreefd naar een nieuw innovatiesysteem. Qua innovatie onderscheiden de Chinese beleidsmakers vier takken: er is het intellectueel uitvindingsysteem, het technologisch uitvindingsysteem, het kennisverspreidingsysteem en het systeem om de kennis toe te passen.  Hierin staan de researchinstituties van nationaal niveau hoofdzakelijk in voor intellectuele innovatie terwijl ze ook kennis overdragen. Ondernemingen zullen verantwoordelijk zijn voor technologische innovatie en toepassing. Hogere instituten zullen in hoofdzaak verantwoordelijk zijn voor het onderwijs van de kennis en het trainen van gekwalificeerd personeel terwijl ze ook aan intellectuele innovatie doen. De regering en de departementen staan in voor macroscopische regulering en controle in de plaats van het besturen van de instituties zelf. Ze verwacht bijvoorbeeld dat er een onderzoeksraad is per institutie en dat aan het hoofd een directeur staat die ter verantwoording kan geroepen.</p>
<p>Qua financiering zullen de financiële middelen die de overheid voor onderzoek uittrok,  worden opgetrokken tot 1,5 % van het BNP en zullen de kanalen worden gediversifieerd. Momenteel is de verhouding regeringsmiddelen, bankleningen en eigen fondsen 26%, 13%, 43%. In de toekomst zal de kapitaalmarkt meer worden aangeboord en de overheid wil er alles aan doen om een efficiënte venture-kapitaalmarkt op te zetten. Vooral intermediaire investeringsmaatschappijen op dit gebied moeten nog gecreëerd en gereguleerd.</p>
<p> </p>
<p>Landbouw</p>
<p> </p>
<p>Een sector die met de toetreding tot de WTO zwaar onder druk zal komen te staan is de landbouw. Een meer kwalitatief hoogstaande landbouw is absoluut vereist om zich in de concurrentie staande te houden. Daartoe moet de landbouwtechnologie vier transformaties ondergaan. De eerste is de transformatie van het streven naar kwantiteit naar het meer benadrukken van kwaliteit. De tweede is het verleggen van de klemtoon op de productie tot het harmoniseren van productie en verwerking met het leefmilieu. De derde is de omvorming van technologie om de natuurlijke bronnen uit te baten tot de wederzijdse integratie van die technologie met de technologie voor de ontwikkeling van de markt. De vierde noodzakelijke omvorming beklemtoont van het verleggen van de focus op de binnenlandse markt naar het kijken zowel naar de binnenlandse als de buitenlandse markt. Om het technologisch niveau van de landbouwwetenschap op te krikken worden 25 sleutellaboratoria van nationaal niveau opgericht of versterkt; gestreefd wordt naar 40 landbouwresearchcentra van de staat , 8 tot 10 regionale markten voor landbouwtechnologie en 8 tot 10 regionale landbouw research- en ontwikkelingscentra.</p>
<p>Tijdens het van kracht zijnde tiende vijfjarenplan wordt er concreet naar gestreefd om de kwaliteit van de gewassen op een hoger peil te brengen. Speciale aandacht gaat uit naar de verbetering van de kwaliteit bij de aquacultuur. Ook nieuwe types van voeder zullen worden uitgetest. Zowel de veeteelt als visserij worden eveneens opgekrikt. Meer ecologische landbouw staat eveneens in het credo voor de toekomst Volgens het landbouwtechnologieplan dat van kracht is tot in 2010, zullen zowel een watertoewijzingsplan als zandkontrole uitgewerkt. Kortom in de storm die de concurrentie met de toetreding tot de WTO zal losbarsten zal een meer technologische landbouw zeker niet verwaarloosd, wel integendeel.</p>
<p> </p>
<p>Selecte bibliografie</p>
<p> </p>
<p>Intensified Enterprise Transformation Urged, FBIS‑CHI‑96‑082, Jingji Ribao, 18 Mar 96</p>
<p>Deng Nan on Achievements of Plan for Science, Technology, FBIS‑96‑229, Renmin Ribao</p>
<p>Nov 96</p>
<p>Wen Jiabao Interviewed on High‑Tech Development, FBIS‑96‑243, Liaowang, 25 Nov 96</p>
<p>Ways To Finance High‑Tech Industries, FBIS‑CHI‑99‑019, Jinrong Shibao, 4 Dec 98</p>
<p>China&#8217;s S&amp;T Minister Xu Guanhua Views 10 Years of High‑Tech Development Zones, FBIS‑2001‑0521, Xinhua , 21 Mei 01</p>
<p>Article on Need for Innovation System, FBIS‑98‑140, Liaowang No 16, 20 Apr 98</p>
<p>S&amp;T Innovation System for 21st Century, Qiushi, FBIS‑1999‑0615, 16 Mei 99</p>
<p>Li Lanqing on Research Institute Reform, FBIS‑1999‑0531, Xinhua, 27 Mei 99</p>
<p>Zhu Rongji on Technological Innovation, FBIS‑1999‑0913, Xinhua, 26 Aug 99</p>
<p>Accelerated Technology Innovation Urged, FBIS‑1999‑1120, Renmin Ribao, 15 Oct 99</p>
<p>Research Bodies To Run as Enterprises, FBIS‑1999‑0618, Xinhua,  26 May 99</p>
<p>Text of &#8216;Outline&#8217; of PRC Agricultural S&amp;T Development Plan for 2001‑2010, FBIS‑2001‑0523, Xinhua, 23 Mei 01</p>
<p>OESO, Technological Change in China, Richard Conroy, Paris 1992</p>
<p> </p>
<p> </p>
<p>Jan Jonckheere           China Vandaag   1/11/2001</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.chinasquare.be/dossiers/technologie-moet-brug-slaan-naar-economie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hervorming onderwijs in volle gang</title>
		<link>http://www.chinasquare.be/dossiers/hervorming-onderwijs-in-volle-gang/</link>
		<comments>http://www.chinasquare.be/dossiers/hervorming-onderwijs-in-volle-gang/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 07 Apr 2009 16:09:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan Jonckheere</dc:creator>
				<category><![CDATA[Dossiers]]></category>
		<category><![CDATA[Onderwijs & Cultuur]]></category>
		<category><![CDATA[onderwijs]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://chinasquare.amazingthings.be/?p=186</guid>
		<description><![CDATA[ 
China heeft de afgelopen 50 jaar ongetwijfeld merkwaardige successen geboekt in het bestrijden van het analfabetisme en bij het veralgemenen van de leerplicht. Sedert een 15-tal jaar wordt in het onderwijs gepoogd de almacht van de staat om te bouwen tot een algemene macrocontrole  ten voordele van het initiatief door lagere overheden en de niet-staatssector. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p class="MsoSubtitle" style="text-align: left; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="left"><span style="font-family: Tahoma; color: red; font-size: 10pt; mso-bidi-font-size: 12.0pt;"><strong><img class="alignleft size-medium wp-image-816" title="klasje" src="http://www.chinasquare.be/wp-content/uploads/2009/04/klasje-300x223.jpg" alt="klasje" width="300" height="223" /> </strong></span></p>
<p style="text-align: left; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="left"><strong>China heeft de afgelopen 50 jaar ongetwijfeld merkwaardige successen geboekt in het bestrijden van het analfabetisme en bij het veralgemenen van de leerplicht. Sedert een 15-tal jaar wordt in het onderwijs gepoogd de almacht van de staat om te bouwen tot een algemene macrocontrole  ten voordele van het initiatief door lagere overheden en de niet-staatssector. Daarbij zal zeker moeten gewaakt dat zich geen onderwijs aan diverse snelheden ontwikkelt want sommige regio&#8217;s en personen hebben meer middelen voor onderwijs dan anderen. </strong></p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong> </strong></p>
<p style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Voor de bevrijding van China was het onderwijs erg mager. In 1949 waren er op 10.000 personen  3 universitairen, 38 middelbare scholieren en 486 kinderen in de lagere school. Meer dan 80 pct was analfabeet. Na dertig jaar socialisme kon dit percentage gereduceerd worden tot 23 pct. De langzame opgang van het onderwijs kwam niet zonder horten of stoten: in de eerste periode werd een Sovjetmodel gevolgd; tijdens de &#8220;Culturele revolutie&#8221; werden scholen voor jaren gesloten omdat intellectuelen ervan verdacht werden de &#8220;stinkende burgerlijke uitbuiters&#8221; in de hand te werken. Ook leraars werden voor jaren de boer opgestuurd. Na de &#8220;Culturele Revolutie&#8221; begon het besef te groeien dat het onderwijs niet de plaats kreeg die het verdiende. In het begin van de jaren &#8216;80 werd geoordeeld dat het lager onderwijs van lage kwaliteit was, wat een negatieve invloed had op alle andere niveaus; er werd vastgesteld dat het beroeps-en technisch onderwijs zich zo langzaam ontwikkelden dat de meeste studenten zonder beroepskennis de maatschappij binnentraden; vele universitairen belandden in jobs waarvoor ze niet gestudeerd hadden of die gedaan konden worden door afgestudeerden van de middelbare school; alle niveaus waren niet bij qua wetenschap en techniek; de studenten konden niet onafhankelijk denken en de onderwijsadministratie liet ook te weinig ruimte aan de lagere niveaus.</p>
<p style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> Na jaren discussiëren werd in 1985 een nieuwe onderwijspolitiek uitgestippeld. De onderwijshervorming zouden vier strategieën volgen. Eerste strategie was een leerplicht gedurende negen jaar en het toevertrouwen van deze taak aan de lokale overheden. Er werd een onderscheid gemaakt tussen de ontwikkelde gebieden waarbij het objectief tegen 1990 moest bereikt zijn en de minder ontwikkelde gebieden waar het diende gerealiseerd tegen 1995. De tweede strategie had betrekking op de financiering van het onderwijs door de diversificatie van de bronnen: zowel de centrale als de lokale overheden moesten een hoger percentage van hun begroting aan onderwijs besteden. Een derde strategie betrof de promotie van beroeps- en technisch onderwijs. Tegen 1990 moest het aantal studenten in het technisch- en beroepssecundair onderwijs dat van het algemeen secundair evenaren. Vierde strategie betrof de hervorming van de rekrutering in het hoger onderwijs en van het toewijzingssysteem van een job na diplomering en dit gecombineerd met een uitbreiding van de beslissingsmacht van de instellingen die hoger onderwijs organiseren. De nieuwe politiek van het Centraal Comité van de Communistische Partij kreeg een wettelijke uitvoering door de wet uit 1986 op het Verplicht Onderwijs. Wat werd daar na 10 jaar van gebakken en wat zijn de knelpunten?</p>
<p style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">9 jaar leerplicht</strong></p>
<p style="text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">De jongste 50 jaren hebben 230 miljoen ongeletterden leren lezen en schrijven zodat het analfabetisme daalde van 80 pct tot 14,5 pct van de totale bevolking.  Volgens minister van onderwijs Chen Zhili zal op het eind van dit jaar meer dan 95 pct van de groep tussen 15 en 50 jaar geletterd zijn. Het percentage ingeschreven kinderen in de lagere scholen steeg van 20 pct voor 1949 tot 99 pct en tot 87 pct in het lager middelbaar. Het aantal schoolverlaters zou van 18 pct gezakt zijn in &#8216;90 over 9 pct in &#8216;95 tot een (wellicht geflateerde) 1 pct nu. 92 pct kinderen gaan over naar het lager middelbaar en deze kennen een inschrijvingsgraad van 87 pct in de theoretisch schoolplichtige leeftijdsgroep en een scoolverlatersgraad van 3,2 pct.  2.242 kantons die ¾ van het territorium bestrijken, realiseren nu het 9-jarig verplicht onderwijs. Eind &#8216;98 waren er 610.000 lagere scholen met 140 miljoen kinderen, gaven 65.000 scholen lager middelbaar onderwijs aan 54 miljoen leerlingen waarvan de helft over gingen naar het hoger middelbaar. 14.000 scholen gaven hoger middelbaar onderwijs aan 10 miljoen leerlingen. Daarmee zit China grotendeels op het schema van het &#8220;Negende Vijfjarenplan&#8221;.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Toch doen zich ernstige problemen voor. Sedert de hervormingen zijn het de lokale overheden die moeten instaan voor de organisatie van het verplicht onderwijs. In de lokaliteiten met voldoende middelen stellen er zich minder problemen, maar in armere gebieden kan het een serieuze klus zijn om dit gefinancierd te krijgen. Een parlementaire onderzoekscommissie stelde recentelijk vast dat de leerplicht ernstig gehinderd wordt door een gebrek aan fondsen in sommige provincies: in twee derden van de provincies betalen de lokale regeringen de salarissen van de leraars niet op tijd en de graad schoolverlaters in het lager middelbaar beloopt tussen de vier en tien procent aldus het Guangming Dagblad van 30/12/1999.</p>
<p style="text-indent: 0cm; margin: 0cm 0cm 0pt;">De organisatie van het lager en middelbaar onderwijs geschiedt volgens het systeem van de financiering door drie niveaus en het bestuur op 2 niveaus: scholen met hoger middelbaar worden gefinancierd en bestuurd door de kantons; lager middelbaar wordt gefinancierd en bestuurd door de townships en basisonderwijs wordt gefinancierd door de dorpen maar bestuurd door de townships.  Naast de overheidsbetoelaging die deels bekostigd wordt met speciale taksen, worden de ouders nog allerhande schoolgelden en vergoedingen aangerekend. Voor lagere school kinderen bedroegen deze  96 yuan per jaar, in het lager en hoger middelbaar respectievelijk 155 en 257 yuan. Vaak bedraagt wat zuiver door de overheid bekostigd wordt maar één derde van de totale kosten en komen de overige twee derden van andere kanalen, tenminste in de ontwikkelde provincies. Zo hebben 92 pct van het aantal lagere en middelbare scholen ondernemingen opgezet met anderhalf miljoen werkers die zo moeten zorgen voor supplementaire schoolinkomsten. Ook heeft het openbaar liefdadigheidsproject Hoop de afgelopen 10 jaar meer dan 1,6 miljard yuan verzameld waarmee 7000 scholen gebouwd werden en zo terug 2 miljoen schoolverlaters terug school konden lopen. De centrale regering moet echter het voorbeeld geven want wat zij aan onderwijs besteedt, beloopt nauwelijks 3 pct van het BNP en zou dit jaar 4 pct dienen te bedragen. Ze verwacht dat ook de provinciale regeringen de komende 5 jaar jaarlijks hun begroting voor onderwijs met 1 à 2 pct optrekken. Slechts de helft van de provincies, autonome regio&#8217;s en steden slagen er in om de 3 pct onderwijstaks en de 1,5 tot 2 pct heffing in de rurale gebieden te innen. Zelf is de nationale regering van plan 2,4 miljard yuan uit te trekken om de 9 provincies en autonome regio&#8217;s te steunen die het meest moeite hebben bij het doorvoeren van de veralgemeende leerplicht aldus vice-premier Li Lanqing. In 1998 werden reeds 1.065 goed uitgeruste scholen gebouwd in de 408 arme kantons en zou de gemiddelde graad van onveilige schoolgebouwen van 10 pct in 1980 tot 1 pct zijn gezakt in 1997. Anderzijds zou toch nog één derde van de lagere en middelbare scholieren niet het aantal noodzakelijke voedsel-caloriën innemen. Een ander verontrustend probleem betreft de zware huistaken die leerlingen meekrijgen. Zo citeerde premier Zhu Rongji het geval van een &#8220;modelleerling&#8221; die zijn moeder met een hamer ineenklopte omdat hij niet mocht voetballen wants hij moest eerst zijn taken afwerken. In de middelbare scholen krijgen leerlingen soms van 2,5 tot 3 uur huistaken per dag mee waarvoor de leraar de tijd niet vindt deze te verbeteren en dan maar door de ouders worden verondersteld te worden verbeterd. De zware last is bedoeld om de jongeren die naar de universiteit willen gaan, te helpen slagen in hun ingangsexamen. Ondertussen werden reeds een aantal circulaires naar de scholen gestuurd en heeft bijvoorbeeld Shanghai per graad gedecreteerd hoe lang het maximaal toegestane uren huistaken mogen duren.</p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">Leraars</strong></p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;">China heeft met zijn 11 miljoen leraars het grootste onderwijscontingent ter wereld. Hun maatschappelijk aanzien bengelt echter volledig onderaan de maatschappelijke ladder en het is dan ook niet te verwonderen dat er een tekort is aan gekwalificeerde leraars. Volgens minister Chen zijn in het lager, lager en hoger middelbaar  95 pct, 83 pct en 64 pct competent voor het uitoefenen van de job. In de vakscholen zou dit maar de helft bedragen.  Het gebrek aan aantrekkingskracht van het beroep heeft te maken met de lage salarissen, een tekort aan huisvesting, een verslechtering in toegang tot medische diensten&#8230;Wat het lage loon betreft is er een dubbel systeem: er zijn de gongban leraars die betaald worden door de staat en er zijn de minban leraars waarvan de kost betaald wordt door de lokale gemeenschap. Om hetzelfde werk te doen krijgen laatstgenoemden vaak maar de helft van hun gongban collega&#8217;s. Bovendien stapelen in sommige regio&#8217;s de achterstallen zich op.  Vorig jaar moesten volgens vakbondscijfers 125 kantons de lokale overheden nog 710 miljoen achterstallen aan leraars uitbetalen. Voeg daarbij problemen om aan een decente woonst te geraken en het feit dat de leraars meer uit eigen zak gevraagd wordt inzake medische kosten en je ziet het plaatje dat verklaart waarom leraars niet aan een bruid geraken. Meisjes huwen nog liever een boer omdat die tenminste een woning kan financieren.</p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> Ondertussen heeft de Chinese overheid het initiatief opgevat om de verloning van de minban-leraars te brengen op dat van hun collega&#8217;s. In de provincie Sichuan werden 90.000 minban-leraars overgeheveld naar het gongban-niveau; 31.000 minbans werden terug naar de normaalschool gestuurd en 50.000 personen kregen een andere job omdat ze niet competent waren voor de onderwijstaak. In de provincie zijn nu alle leraars in lager en middelbaar betaald door de staat. Overigens bepaalt de wet op de leraars dat ze een loon moeten krijgen dat niet lager is dan dat van de ambtenaren. Ook hun geneeskundige voordelen moet volgens voormalig premier Li Peng op de onderwijsconferentie in 1994 gelijk zijn aan deze van de ambtenaren.  Uit de provincie Hunan komt dan weer het bericht dat alle &#8220;Tongzilou&#8221; dit zijn schamele gebouwen waar meerdere leraarsgezinnen gemeenschappelijke keukens en waskamers delen, zo goed als uit de provincie geholpen zijn.</p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;">Wat de lerarenopleiding aangaat, volgden in 1997 2,2 miljoen leerlingen les aan 3.495 normaalscholen. Er is een mogelijkheid van 2 jaar opleiding om in het basisonderwijs te gaan staan, 3 jaar voor het lager middelbaar en vier jaar om les te mogen geven aan het hoger middelbaar. Bijna één miljoen leerlingen volgen les in polytechnische normaalscholen. De laatste jaren werd ook een netwerk ontwikkeld van bijscholing voor leraars en hierbij worden ook audiovisuele middelen ingeschakeld. Deze zullen de komende 3 jaar ook ingezet om in de arme kantons de 120.000 leraars lager onderwijs en hun 110.000 collega&#8217;s uit het middelbaar wiens niveau nog te kort schiet, bij te scholen. Meer algemeen zullen de komende 5 jaar één miljoen leraren een training ontvangen en wordt ook nog een aparte opleiding voorzien voor één miljoen schoolhoofden. Tenslotte doen ook de media hun duit in het zakje om het gebrek aan aanzien van de leraars op te krikken door hen voor te stellen als &#8220;ingenieurs van de ziel&#8221;.</p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">Beroeps- en technisch</strong></p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;">Bij het ontstaan van de Volksrepubliek waren er maar een 560 technisch-secundaire scholen met een 80.000 leerlingen. In de vijftiger jaren kwamen er duizendtal scholen bij. Toch werd in 1980 bijvoorbeeld in de stad Beijing vastgesteld dat van de 100 leerlingen er 89 algemeen secundair volgden en maar 11 technisch secundair; in het gehele land bedroeg het cijfer 18 pct. Bij de hervormingen uit 1985 behoorde een sterke stimulans voor het technisch- en beroepsonderwijs zodat het aantal leerlingen in deze tak het aantal in het aantal algemeen secundair zou evenaren. In 1997 telden de 17.000 scholen die beroeps -en technisch secundair onderwijs aanboden, meer als 11 miljoen leerlingen wat vier maal boven het aantal uit 1980 uitstijgt en zo effectief de helft van het secundair onderwijs uitmaakt. Niettegenstaande het technisch- en beroepsonderwijs een sterke groei kende, is het niveau van de arbeiders nog te laag. In 1994 waren er in de Chinese ondernemingen maar 2,3 personen die een hogere opleiding genoten en een 36 pct een secundaire opleiding. De mentaliteit bestaat nog altijd om het technisch onderwijs als minderwaardig te aanzien. Volgens de recentste plannen van de Chinese overheid zal er naar gestreefd worden dat de 50 pct leerlingen uit het lager middelbaar die de overgang maken naar het hoger technisch secundair opgetrokken wordt tot 70 pct.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Het zijn trouwens ook de lokale overheden die verantwoordelijk zijn voor de organisatie van het technisch- en beroepsonderwijs. Hierbij doen ze vaak beroep op de medewerking van diverse beroepsorganisaties en ondernemingen. Er zijn overigens drie niveaus van technisch onderwijs: het lager dat aansluit op het basisonderwijs, het secundair dat de hoofdmoot uitmaakt en het hoger technisch wat bijvoorbeeld kan voorbereiden tot leraar technisch onderwijs. Gezien maar de helft van de vakschoolleraars competent beoordeeld werden voor hun taak, heeft de centrale regering 20 miljoen uitgetrokken om hen in 50 centra supplementaire training te geven.</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">Hoger onderwijs</strong></p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">In 1947 waren er enkel 205 instellingen die hoger onderwijs aanboden en dit met een totaal van nauwelijks 154.600 studenten. Eind 1995 telde China meer dan 1000 instellingen (waarvan 2/3 algemeen en 1/3 beroepsleergangen aanboden) met 5 miljoen studenten waarbij ook 2,3 miljoen studenten in instellingen voor hoger volwassen-onderwijs gerekend worden. Dit is nog vrij weinig omdat enkel 2 pct van de bevolking postuniversitair onderwijs geniet terwijl dit volgens de Wereldbank 11 pct bedraagt in Hongkong, 21 pct in Japan en 45 pct in de USA. Van de studenten volgt maar de helft studies die leiden tot de licentiaatstitel en 44 pct volgt korte leergangen. Ook in het volwassen onderwijs volgt 90 pct korte leergangen. De instellingen van hoger onderwijs hebben een personeel van meer dan één miljoen, maar enkel 38 pct doceren, terwijl dus het administratief en logistiek personeel 60 pct bedraagt. Van het budget dat aan onderwijs wordt gespendeerd, gaat 20 pct naar hoger onderwijs en internationaal gezien is wat China besteedt per student nogal hoog. In 1997 gaf een universitaire leerkracht les aan 7,8 leerlingen terwijl dit dubbel zo veel bedraagt in de rest van de wereld. Een Chinese campus telt maar 3000 studenten wat internationaal ook weinig is.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> In 1978 kwam 96 pct van de uitgaven in het hoger onderwijs uit de schatkist. De regering was de enige controleur en alles wat aan de hogescholen gebeurde, maakte deel uit van het nationaal plan: het aantal gerekruteerde studenten, de inhoud van de leergangen en tenslotte het toewijzen van een betrekking. De hervormingen in het hoger onderwijs dateren ook uit 1985. Het hervormingspakket bestond uit een vijftal grote assen. Vooreerst moest de overdreven regeringscontrole over de instituties van hoger onderwijs verminderd. Ten tweede zou zowel het rekruteren van studenten als het toewijzen van jobs aan afgestudeerden hervormd. Het gratis hoger onderwijs zou vervangen worden door een studiebeurssysteem.  Bepaalde disciplines die zwak stonden zoals economie, financiën, recht zouden aangezwengeld en zowel de inhoud van de cursussen als de leermethodes herdacht worden. Ondertussen werd het principe toegepast van wie bestuurt, betaalt. De provinciale regeringen moeten ook voor een deel van de financiering instaan. Theoretisch betaalt de staat de wedde van het personeel, de algemene werking van de instellingen en een gedeelte van de investeringsuitgaven. In 1992 beliep wat uit de koffers van de diverse regeringen (centraal, provinciaal, lokaal) kwam 82 pct van de ontvangsten in de hogescholen, wat ze zelf opbrachten door allerhande activiteiten 14 pct en 4,6 pct kwam van schoolgelden.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">Schoolgeld</strong></p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">De hervormingen lieten toe dat de hogescholen behalve het aantal door de staat bepaalde studenten inschreven (die het vereiste aantal punten haalden op het ingangsexamen), om hun inkomsten op te drijven ook studenten aanvaarden die zelf hun studies bekostigden evenals de studenten wiens studies betaald werden door de eenheid waar ze later zouden gaan werken. Vanaf 1989 werd begonnen met het vragen van schoolgelden en in 1993 rekenden een 30-tal instellingen 1000 à 1800 yuan per jaar aan en dit met het doel tegen 1997 20 pct van de studeerkost te recupereren.  In 1994 bedroegen de zelfbedruipende en de studenten wiens studies betaald werden door hun toekomstige werkgever reeds 28 pct van de studentenpopulatie. Tegen 1997 vroegen virtueel alle hogescholen lesgelden. Ondertussen moesten de door de staat aanvaarde studenten ook inschrijvingsgeld betalen. Opgemerkt werd dat de studenten die hun studies zelf financierden vaak van onbemiddelde komaf waren. Tenslotte groeiden de 3 systemen naar elkaar toe en dit zodat de door de schoolgelden betaalde kost 25 pct zou bedragen en de overheid de overige 75 pct op zich zou nemen. Volgens de recentste cijfers zou het schoolgeld reeds rond de 4000 yuan schommelen en uit een steekproef blijkt dat enkel 60 pct van de ondervraagden deze som die het gemiddeld jaarinkomen van een stadsbewoner is, kan betalen.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Nu is het zo dat meer dan 20 pct van de studenten uit arme families komen en dat 10 pct de leerkost echt niet kan betalen. Voor hen wordt gewerkt aan een verbetering van het studiebeurssysteem dat nu uit drie soorten bestaat maar soms ruimschoots ontoereikend uitvalt voor de verhoogde leergelden, aan het toekennen van studieleningen waarvan de regering de helft van de interest betaalt en ook aan het voorzien van studentenjobs. Uit cijfers van de Onderwijscommissie te Peking blijkt dat de 67 universiteiten en hogescholen in de stad 13.000 arme studenten tellen wiens familie minder dan 120 yuan maandelijks inkomen heeft. De Onderwijscommissie heeft de laatste jaren aldus verantwoordelijke Gan Beilin 39 miljoen yuan per jaar uitgegeven voor studiebeurzen aan studenten die goed leren en zich goed gedragen. 98.000 studiebeurzen werden toegekend. Daarnaast hebben 41 scholen studentenleningen uitgekeerd met in totaal 12 miljoen yuan waardoor 1000 arme studenten geholpen werden. Tenslotte werden 9000 parttime jobs voorzien waardoor minstens 3000 studenten de eindjes aan mekaar konden knopen. Tenslotte heeft de nationale regering nog 2,4 miljoen yuan toegekend aan behoeftige studenten via scholen in Peking. Niettegenstaande de tegemoetkomingen blijken de studenten uit boerengezinnen die maar een minderheid uitmaken aan de universiteit, ook ondervertegenwoordigd in het systeem van studiebeurzen. Verheugend is dan weer dat het aantal vrouwelijke studenten van &#8216;80 tot &#8216;94 toenam van 23 tot 35 pct. Ondertussen is ook het systeem dat niet de staat vooraf bepaalt waar iemand na zijn studies toegewezen wordt, algemeen aanvaard. In 1995 vonden 90 pct van de afgestudeerden zelf werk. Jobbeurzen tussen afgestudeerden en werkgevers zijn bijna gemeen goed geworden.De regering voorziet wel tegemoetkomingen voor zij die bijvoorbeeld in afgelegen minder ontwikkelde gebieden willen gaan werken.</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">         <strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">Plan</strong></p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">           </p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">            Dit jaar moeten volgens de onderwijsplannen 6,3 miljoen academici les volgen aan de instellingen van hoger onderwijs en zou het aantal post-gegradueerden 200.000 bedragen zodat het percentage van de populatie tussen 18 en 21 dat hogere studies volgt, 8 pct bedraagt. Tegen het jaar 2010 zou dit opgetrokken worden tot 15 pct. De centrale regering geeft momenteel 3 miljard yuan uit en de lokale regeringen 7 miljard om de infrastructuur van 100 &#8220;sleutel&#8221;-universiteiten volledig te moderniseren zodat deze mee zijn op het geavanceerd niveau van andere landen. De universiteiten kregen ondertussen door een nieuwe wet uit 1998 meer autonomie en momenteel is op vraag van de regering een proces bezig waardoor verschillende universiteiten ofwel samensmelten ofwel samenwerkingsverbanden aangaan. In Shanghai bijvoorbeeld zijn de logistieke diensten van verschillende hogescholen omgevormd tot autonome eenheden die diensten verschaffen aan diverse instellingen.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Volgens de onderwijsplannen moet ook het aantal volwassenen dat beroepsonderwijs volgt aan de 1000 instellingen van hoger onderwijs en nu 2,7 miljoen bedraagt, sterk opgedreven worden. Het percentage volwassen studenten ten opzichte van de normale studenten hoger onderwijs bedraagt in China 86 pct, terwijl dit in andere landen van het dubbele tot het drievoudige schommelt. Het land heeft ook 1000 educatieve TV-stations. Via de middenjury kregen in 1997 van de 10 miljoen kandidaten 270.000 een getuigschrift hoger onderwijs.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">De afgelopen 20 jaar heeft China eveneens 320.000 studenten uitgestuurd naar andere landen, maar enkel 110.000 kwamen terug, zij het dat het percentage dat terugkeert de jongste jaren telkens met 13 pct steeg. In de toekomst zullen zij voor ze vertrekken een waarborg moeten betalen.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">De meer dan 50 nationale minderheden hebben 130.000 lagere scholen, 12.000 middelbare scholen en 101 instellingen van hoger onderwijs en dit met 15 miljoen leerlingen. 22 minderheden hebben een bevolking van minder dan 100.000 personen en de klemtoon ligt er op het bereiken eind dit jaar van de leerplicht bij 85 pct van de kinderen. Centrale en lokale regering hebben bijvoorbeeld 2 miljoen yuan besteed voor het onderwijs van de kleinste minderheid namelijk de Hezhe die met minder dan 4000 zijn en van visvangst leven: sedert het starten van het programma in 1996 werd nu bij hen ook het doel van de 85 pct bereikt. De provincie Yunnan met zijn 25 minderheden werkt ook aan het objectief en aan het uitroeien van het analfabetisme bij 300.000 volwassenen: nu is de 9-jaar leerplicht gerealiseerd bij 70 pct van de bevolking. Niettegenstaande de inspanningen bedraagt het aantal afgestudeerden vooral aan middelbare onderwijsinstellingen bij de minderheden maar een gedeelte van de cijfers in het ontwikkeld kustgebied.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Het speciaal onderwijs voor gehandicapten, blinden en doven telde in 1994 1241 aparte scholen met 210.000 leerlingen. Daarnaast zijn er nog 4000 speciale klassen van normale scholen. In 1994 zouden 60 pct van de gehandicapte kinderen school lopen. Voor kinderen met hoor-of spraakstoornissen werden 1400 structuren opgezet waar 50.000 kinderen speciaal onderwijs volgden. In het beroepsonderwijs bestonden nog in 1994 300 structuren en waren er 5 instellingen van hoger onderwijs die speciaal gehandicapten aannamen naast de 6000 gehandicapte studenten in het normaal hoger onderwijs.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">China heeft ook 50.000 onderwijsinstellingen die niet van de overheid uitgaan. 400.000 leraars geven er les aan 10 miljoen leerlingen: 40.000 zijn kleutertuinen; 2.900 zijn lagere of middelbare scholen; 1300 bieden beroeps- of technisch onderwijs; 1.100 hoger onderwijs en tenslotte zijn er nog 20.000 andere vormingsinstituten. Van de ruim 1000 instellingen hoger onderwijs hebben maar een vijfentwintig de toelating gekregen om diploma&#8217;s van 3 jaar hoger onderwijs af te leveren. In de cijfers van de niet- staatssector is niet altijd duidelijk in hoever de minban-onderwijsinstellingen er deel van uitmaken. Privé-instellingen vanaf het lagere school-niveau zijn er ongeveer 1200 en zouden 848.000 leerlingen tellen of 0,4 pct. 10 pct van de privé-instellingen in het basisonderwijs worden elitescholen genoemd. Een veertigtal van de ruim 1000 vragen exorbitante inschrijvingsgelden. Ongetwijfeld een vette kluif voor publicisten die dit dan plaatsen tegenover een verwaarloosde school in een afgelegen gebied en zo willen bewijzen dat het Chinees onderwijssysteem verschillende snelheden kent. Uiteraard groeit naar gelang de uniformiteit door het afbrokkelen van de directe staatscontrole afneemt, de kans dat de diverse regio&#8217;s en inrichtende machten hun onderwijsbevoegdheid anders invullen. Overigens moeten de lokale overheden zoveel hervormen dat het niet onbegrijpelijk is dat ze eerst de harde materies zoals economie, sociale zekerheid en financiën prioriteit verlenen. Toch geloven en hopen we dat nu de diverse vernieuwde onderwijswetten van kracht zijn, de komende jaren ook het onderwijs een uitbalancering zal kennen van decentralisatie en macrocontrole enerzijds en van efficiency en sociale rechtvaardigheid anderzijds.</p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Bibliografie</p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"><strong style="mso-bidi-font-weight: normal;"> </strong></p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Li Peng Delivers Report at Education Conference, FBIS‑94‑124, XINHUA, 20 Jun 94</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">NPC Adopts Education Law, FBIS‑95‑058, XINHUA, 20 Mar 95</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Educational Guidelines to Year 2010 Published, FBIS‑96‑134, ZHONGGUO JIAOYU BAO, 22 Apr 96</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">PRC Law on Vocational Education, FBIS‑96‑107, XINHUA,16 May 96</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Li Lanqing on Vocational Educational Law, FBIS‑96‑187, RENMIN RIBAO, 1 Sep 96</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">CPC Decision on Education Reform, FBIS‑1999‑0619, Xinhua, 16 Jun</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">Two Decades of Rapid Education Development in China, FBIS‑98‑278, Xinhua 2 Oct 98</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt;">New Column Views Progress of Higher Education, FBIS‑96‑168, RENMIN RIBAO, 15 Jul 96</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;">China Gears Education to the 21st Century, China News and Report<strong style="mso-bidi-font-weight: normal;">, </strong>23 Dec. 1, 1996</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;">Educational Innovation in China,Tracing the Impact of the 1985 Reforms, 1994, Longman</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;">World Bank, China Higher Education Reform, 1997, Washington</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;">M. Agelaszto &amp;B. Adamson, Higher Education in Post-Mao China, Hongkong</p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;"> </p>
<p style="text-align: left; text-indent: 35.4pt; margin: 0cm 0cm 0pt;" align="left"> </p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;"> </p>
<p style="line-height: 12pt; margin: 0cm 0cm 0pt; tab-stops: 31.5pt 67.5pt 103.5pt 139.5pt 175.5pt 211.5pt 247.5pt 279.0pt 315.0pt 351.0pt 387.0pt 423.0pt;">Jan Jonckheere        China Vandaag 1/09/2000</p>
<p> </p>
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
<h2 style="text-align: left; margin: 0cm 80.35pt 0pt 0cm;">
<p style="margin: 0cm 0cm 0pt;"> </p>
</h2>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.chinasquare.be/dossiers/hervorming-onderwijs-in-volle-gang/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
