China sociaal: feiten en cijfers

cn_pov_trends_china300

Dat China de afgelopen decennia het land is met de grootste economische groei en het meeste buitenlandse investeringen na de Verenigde Staten begint algemeen geweten te worden. In dit artikel pogen we na te gaan wat de gunstige economische cijfers betekenen voor de mensen op het platteland en in de steden. Welke is de toestand op het vlak van werkgelegenheid, sociale zekerheid, gezondheid, onderwijs en huisvesting?

Economie

Volgens officiële cijfers groeide Chinese economie van 1979 tot 2002 jaarlijks met 9,4 pct. gemiddeld. Het land dat instaat voor een derde van de Aziatische export, neemt daarmee de rol van Japan over en doet ook de ster van de US in de regio tanen. China is reeds tweede qua energieproductie- en consumptie in de wereld. Het staat op het punt over Japan als derde handelsnatie te wippen. Nu is China de zesde grootste economische macht, maar het is slechts een kwestie van een enkele jaren vooral het Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië achter zich laat. Japan zou pas rond 2012 ingehaald worden. China’s nijverheid staat voor de helft in van het BNP, landbouw nog voor amper 16 pct. en de diensten maken 34 pct. uit. Gemakshalve kan gesteld dat in de industrie ondernemingen gecontroleerd door de staat voor één derde van de productie instaan; de privé-sector, zelfstandigen en ondernemingen met buitenlands kapitaal ook voor een derde en de rest zijn mengvormen en collectieven. Bijvoorbeeld vind je bij de succesvolste ondernemingen zoals TCL, Kelon en Changhong een mengvorm waarbij overheidsaandeel, managements- en werknemersparticipatie evenals aandelen bij het publiek gecombineerd worden, soms nog met deelname van buitenlands kapitaal er bij.

Bevolking

China’s bevolking groeide van 450 miljoen in 1949 tot 1,29 miljard. De landbouwbevolking steeg tijdens deze periode van 400 tot 800 miljoen, maar daalde procentueel van 90 tot 62 pct. Het aandeel van de landbouw in de globale productie daalde van 85 pct. tot dus 16 pct. nu. De boer beschikt maar over gemiddeld 0,3 ha waar dit in Japan nog meer dan één ha is. Er zijn dan ook 150 miljoen overtallige personen in de landelijke gebieden.

Tijdens de komende twintig jaar zal China’s bevolking boven 16 jaarlijks stijgen met 5,5 miljoen. Tegen het jaar 2020 zal de werkende bevolking 840 miljoen bereiken. De stedelingen zouden dan echter 58 pct. van de bevolking uitmaken. Kleine steden zullen 200 à 300 miljoen personen opnemen en de 200 grote steden zouden elk drie miljoen inwoners moeten herbergen.

Het aantal senioren dat nu maar een goede zeven pct. van de bevolking uitmaakt, zal gedurende de komende twintig jaar verdubbelen en dan 12 pct. bedragen.

Landbouwbevolking

Het netto inkomen per hoofd in de rurale gebieden bedraagt gemiddeld 2.662 yuan. Het werkelijke inkomen -inflatie verrekend- steeg de laatste 10 jaar een 3,5 pct. gemiddeld jaarlijks. Vorig jaar bedroeg de stijging vijf pct. Het aandeel dat aan voeding gespendeerd wordt, daalde van 67 pct. in 1978 tot 45 pct.

De bevolking zonder voldoende kleding en voeding nam af van 250 miljoen bij het begin van de hervormingen tot 39 miljoen nu. Wanneer het armoedecriterium van de Wereldbank dat 1$/ dag bedraagt, gehanteerd wordt, daalde het aantal armen tijdens dezelfde periode van 490 miljoen tot 88 miljoen of van 49 pct. tot 7 pct. in 2002. Geen enkel ander land kende zo’n grootscheepse en snelle vermindering van de armoede aldus de Wereldbank. Op het eind van 2003 waren daarbij 2, 5 miljoen personen gedekt door de armenhulp in de landelijke gebieden en 24.000 rusthuizen voor senioren boden er onderdak aan 503.000 arme personen van de derde leeftijd.

Stedelijke bevolking

De stedelijke bevolking had in 2003 een gemiddeld inkomen van 8.472 yuan. Zo ging ze er het laatste decennium jaarlijks met 7 pct. op vooruit, dus dubbel zoveel als de rurale. Volgens een grootschalig marktonderzoek in 30 grote steden hebben 48 pct. van de stedelingen een GSM, terwijl dat nog 3 jaar geleden maar 24 pct. bedroeg. Bij de huishoudtoestellen is de laatste mode een microgolfoven: in 2000 had één derde van de gezinnen er een, terwijl het nu de helft van de gezinnen is. 72 pct. van de gezinnen gebruiken waterverwarmers, de helft van de stedelingen heeft airco, videospelers zijn er bij twee op drie stadsgezinnen. Het computergebruik groeit nog sneller: waar dit drie jaar geleden nog 17 pct. was, heeft nu 30 pct. van de stadsgezinnen een PC.

Het aantal personen dat terug te voet naar het werk gaat steeg van 12 pct. in 2000 tot 16 pct. nu. De fietsers daalden van 40 tot 34 pct. 4 pct. gebruiken de motorfiets (In Kanton is bv. het verboden uit pollutieredenen) en meer dan een derde gebruikt het openbaar vervoer als voornaamste transportmiddel. Slechts 2,6 pct. gebruikt de wagen. Tenslotte hadden 22 miljoen van de stedelingen een bestaansminimum, wat op een schamele 58 yuan maandelijks ligt.

Terwijl van de stedelijke senioren nu 30 pct. alleen zonder familie erbij leeft, zal dit aantal tegen 2010 stijgen tot 80 pct.

Werkende Bevolking

In 2003 bedroeg de werkende bevolking 744 miljoen, waarvan een derde in de steden en twee derden op het platteland. Van 1990 tot 2003 groeide de arbeidsbevolking met een kleine 100 miljoen.

Tijdens dezelfde periode steeg het aantal werkers in de tertiaire sector van 19 tot 29 pct. en bedraagt nu 218 miljoen. Het aantal tewerkgestelden in de industrie bleef rond 21 pct. met 160 miljoen personen nu. De boeren daalden van 60 pct. tot 50 pct., met 365 miljoen landbouwers nu, die maar instaan voor een gering aandeel in het BNP vergeleken met hun aantal.
Het aantal werknemers in de staatssector daalde met 34 miljoen tot 68 miljoen nu. Het aantal werkers in privé-ondernemingen met zelfstandigen er bij, groeide met 35 miljoen om nu 42 miljoen te bereiken. 10 miljoen personen werken in collectieve ondernemingen. Vele tientallen stadsbewoners worden gekatalogeerd in een “ongekende” vorm van tewerkstelling. Na de massale ontslagen in de staatsector registreerden 24 miljoen van de ontslagenen zich bij een tewerkstellingscel en 19 miljoen vonden nieuwe jobs. Eind 2003 waren er 26.000 jobdiensten, waarvan er 18.000 van de overheid uitgingen.

De rurale ondernemingen die instaan voor een derde van het BNP, verschaffen werk aan 136 miljoen overtallige boeren of aan 28 pct. van de rurale werkkrachten.

Op het einde van 2003 waren er 635.000 CAO’s gesloten doorheen het land met 1,27 miljoen betrokken ondernemingen en meer dan 80 miljoen werknemers. De helft van de overeenkomsten betroffen salarissen en lonen.

Het aantal lokale vakbondsorganisaties groeide met 79 pct. vergeleken met vijf jaar geleden en het aantal aangeslotenen steeg met 38 pct. In de niet-publieke sector waren er 808.000 ondernemingen met vakbonden die met hun 30 miljoen aangeslotenen een derde van de tewerkgestelden uitmaken.

Bij de gehandicapten bedraagt de tewerkstellingsgraad 83 pct.

In 2003 kende China ook 58.000 ernstige incidenten van sociale onrust waaraan meer dan drie miljoen personen deelnamen.

Migranten


In 2003 nam een kleine 100 miljoen bewoners uit plattelandsgebieden jobs op in de steden. Dit is zesmaal het aantal van in 1990. Ze zijn vooral actief in bouw, catering en in sectoren met minder gunstige sociale voorwaarden. Van de personen die huishoudtoestellen herstellen, zijn 70 pct. migranten. In Peking zou de bouw voor de Olympische spelen zonder deze vlottende bevolking ondenkbaar zijn. De werkers die meestal zonder familie komen, hebben echter niet de status van stedeling, maar blijven hun rurale “hukou” behouden. De regering vond in een onderzoek dat aan deze migranten nog 360 miljard yuan loonachterstal betaald moesten worden en dit in 124.000 projecten. Deze loonachterstand moet nu in 3 jaar ten laatste uitbetaald en bij de overheden is de limiet eind 2005. Hoewel deze migranten instaan voor een derde van het Bruto Regionaal Product in steden als Peking, Shanghai en Kanton, worden ze gediscrimineerd in sociale zekerheid, onderwijs, huisvesting en andere. De migrantenpopulatie is in bepaalde gebieden wel verantwoordelijk voor 60 tot 80 pct. van de criminaliteit. Om zich tijdelijk te vestigen, zijn soms 10 stempels nodig waarvan de kost tot een maandloon kan oplopen. De regering plant alvast een verplicht systeem om de migranten te verzekeren tegen werkongevallen. In de stad Peking komt daar nog hospitalisatie en nog een dekking voor drietal ernstige buiten-ziekenhuiszorgen bij. Tevens wordt een plan uitgevoerd om de migranten te scholen. Het laatste nieuws aangaande de migranten was dat er in bepaalde gebieden er een tekort aan was onder meer omdat het boeren recentelijk meer opbracht door de recente verlichting van de fiscaliteit.

Sociale zekerheid

In de negentiger jaren heeft China beslist het sociaal zekerheidssysteem volgens een markteconomie te herstructureren. In het verleden werd deze georganiseerd per onderneming. Wie zijn bedrijf verliet was ook zijn woning kwijt, kinderoppas, geneeskundige zorg…Bovendien dreigde het pensioensysteem voor de overheid onbetaalbaar te worden.

STEDEN
Pensioenen

In 1997 besloot de regering het pensioensysteem voor werknemers van de overheid in de steden te hervormen volgens een bijdragesysteem met sociale pooling per persoon. In 1999 werd het uitgebreid naar ondernemingen met buitenlandse kapitaalinbreng, privé-ondernemingen en nog andere types. In 2002 werd iedereen er bij betrokken die in de stad tewerkgesteld werd en in 2003 deden 155 miljoen personen mee. Waar het pensioen vroeger uitbetaald werd per onderneming, geschiedt dit nu door sociale diensten. Naarmate iemand langer heeft bijgedragen, geniet hij ook van een hoger pensioen. Een werknemer draagt 8 pct. van zijn loon af, bij zelfstandigen is het meer. De werkgever doet ook een duit in het pensioenzakje. De pensioenleeftijd bedraagt 55 jaar voor de vrouwen en zestig voor de mannen. In 2003 bedroeg het gemiddeld uitgekeerd maandbedrag 621 yuan.

Werkloosheid

Hier dateert het nieuw systeem van 1999. Op het eind van 2003 hadden 103 miljoen personen bijgedragen tot de werkloosheidsverzekering en 7,4 miljoen kregen een uitkering. Elke werknemer betaalt één percent van zijn loon en de werkgever twee percent. Als dit minstens één jaar gebeurt, kan de persoon genieten van de uitkering. Afhankelijk van het aantal jaren bijdragen duurt de steun van 12 maanden tot 2 jaar. Een werkloze die ziek is, krijgt ook gezondheidstoelagen. De personen die afgedankt werden in de staatsondernemingen, konden gedurende drie jaar een speciale uitkering krijgen, waarna ze op de gewone werkloosheid terugvielen als ze nog geen werk gevonden hadden.

Ziekteverzekering

Hier dateert de hervorming van 1998 en het principe is ook dat werkgever (6 pct.) en werknemer (2 pct.) een bijdrage betaalt. Het beheer gebeurt lokaal. Eind 2003 waren 109 miljoen personen betrokken in de basis gezondheidsverzekering en dit bij 79 miljoen werknemers en 30 miljoen gepensioneerden. Dezen moeten geen bijdragen meer betalen. De premies van de individuen en 30 pct. van de werkgeversbijdragen gaan naar individuele rekeningen en de overige 70 pct. van de werkgeversbijdragen gaan naar sociale gepoolde programma’s. De kleinere kosten voor niet-opnamekosten worden betaald door de individuele rekeningen; hospitaalkosten door de sociaal gepoolde programma’s.

LANDBOUW
Pensioenen

In de landelijke gebieden is de sociale zekerheid nog maar in een beginnend stadium na het in duigen vallen van de communes in 1985. Hier worden de bijdragen hoofdzakelijk geleverd door de individuen, maar aangevuld door overheidstoelagen. Eind 2003 werd het pensioensysteem uitgevoerd in 1870 kantons en 52 miljoen personen onderschreven het en 2 miljoen kregen een uitkering. In 2004 begon de regering met experimenteren om rurale huishoudens te belonen die zich gehouden hadden aan de familieplanning en op die manier kan elk koppel van 600 yuan genieten per jaar na zestigjarige leeftijd.

Ziekteverzekering

Het nieuw ruraal coöperatief ziekteverzekeringssysteem is zo mogelijk nog van recentere datum. Het gaat nog maar om een uittesten van het systeem in 310 kantons. Individuen, lokale overheid en de regering betalen elk 10 yuan per jaar. In juni 2004 dekte het systeem 95 miljoen deelnemers waarvan er 69 miljoen bijdragen betaalden. Het is de bedoeling dat de landbouwbevolking tegen 2010 verzekerd is tegen de zwaarste risico’s. Ondertussen zullen de ervaringen in de pilootkantons worden veralgemeend.
De regering is ook nog van plan om de “dokters op blote voeten” uit de Mao-tijd te vervangen door “hospitalen op wielen”. Er waren reeds 1.004 dergelijke rondrijdende bussen in augustus 2003 en voor het jaareinde moesten er nog 800 bijkomen. Bedoeling is in de afgelegen streken van west- en centraal China eenmaal per jaar elke lokaliteit aan te doen per mobiel kantonhospitaal. Ze gaan diagnoses stellen bij frequent voorkomende ziekten, kleine operaties uitvoeren en helpen bij de gezondheidsopvoeding.

Gezondheid

De gemiddelde leeftijd bedraagt 70 jaar, dit is een verdubbeling vergeleken met voor 1949. Sterfte bij bevalling daalde van 15 pro mille begin der vijftiger jaren naar 4,2 pro mille. De kindersterfte daalde van 20 tot 3,1 percent en de sterfte onder de 5 jaar viel tot onder 4 pct. Het aantal eenjarige baby’s die volledig ingeënt zijn tegen TBC en mazelen bereikt 98 pct. Eind 2003 telde China 305.000 gezondheidsinstellingen met bijna 3 miljoen bedden en 4 miljoen gezondheidswerkers. 3.600 anti-epidemiecentra hadden een personeel van 159.000. Daarbij komen nog 45.000 primaire dorpsklinieken met 668.000 bedden en 907.000 aan personeel.

Toch is er een grote ongelijkheid tussen de gezondheidszorg in stad en platteland. Meer dan 90 pct. van de bevallingen in de steden gebeurt in het ziekenhuis, terwijl op het platteland 90 pct. van de geboorten thuis gebeurt. Sterven gebeurt in de steden eveneens voor 90 pct. in het ziekenhuis en op het platteland voor 90 pct. thuis. De rurale bevolking die 62 pct. van het totaal uitmaakt, krijgt maar 30 pct. van de middelen in de gezondheidszorg. Boeren met een ernstige ziekte zijn bang om zich te laten verzorgen, omdat ze het niet kunnen betalen.

Onderwijs

In 2001 steeg het aantal volwassen geletterden tot 85 pct. Tijdens 2003 ging 98,6 pct. van de schoolplichtige leerlingen naar de lagere school. Bij het lager middelbaar onderwijs bedroeg dit 92,7 percent. Tot de drop-outs behoren veel migrantenkinderen. In totaal zijn er 31.900 secundaire scholen van diverse pluimage (technische scholen, scholen voor volwassenen..). Ze telden 32 miljoen studenten en een participatie van 44 pct. Van deze zijn er 14.800 scholen voor secundair beroepsonderwijs met 12 miljoen leerlingen. Na 1985 werd de leerplicht verhoogd van 6 tot 9 jaar. De bevolking met lager onderwijs blijft op 35 pct., maar het aantal met lager secundair onderwijs verhoogde van 15 tot 34 pct. en dat met hoger secundair van 6 tot 11 pct. Toch moet opgemerkt worden dat de toestand in de kustgebieden ook in het onderwijs gunstiger is omdat er 2 à 3 jaren langer wordt school gelopen, vergeleken met de afgelegen gebieden. Bijvoorbeeld gingen in West- en Centraal China 34 pct. van de leerlingen naar het secundair onderwijs, terwijl dit in de Oost-China de helft bedraagt.

In 2003 waren er 19 miljoen studenten in hogescholen. Daarbij komen nog 74 miljoen leerlingen in het volwassenenonderwijs. Beroepstechnische scholen trainden 72 miljoen personen. Er waren 70.000 privé-scholen met 14 miljoen studenten. Daarbuiten zijn er nog 3.465 trainingscentra van de overheid en 17.350 niet-gouvernementele die alles samen 10 miljoen personen vormden. Vakbonden gaven vorming aan 3,6 miljoen ontslagen personen. De kosten voor onderwijs lopen hoog op en van de 12 miljoen universitairen komen 20 pct. van arme families. Het is dan ook niet verwonderlijk dat bv. in de provincie Shanxi 30 pct. van de studenten in financiële moeilijkheden verkeert en 10 pct. in een erge staat.

Huisvesting

In het verleden was het normaal met drie generaties in een bekrompen wijze onder een dak te leven Begin der negentiger jaren was de gemiddelde oppervlakte per persoon in steden en platteland respectevelijk 6,7 m² en 22,8 m². Volgens een regeringswitboek werd gedurende de afgelopen vijf jaar in de steden –voor onze begrippen ongelooflijk- jaarlijks 20 pct. nieuw gebouwd, zodat de gemiddelde woonoppervlakte er nu 22 m² per persoon is. 72 pct. van de huizen in de steden is nu in privé-handen en de helft van de nieuwe huizen werden gekocht door individuen. Er zijn drie systemen waardoor de overheid de huisvesting betaalbaar probeert te houden. Een eerste systeem is een politiek systeem waarbij de werkgever op een individuele rekening van zijn werknemer regelmatig een bijdrage stort. Het geld mag door de werknemer enkel gebruikt worden voor de bouw- of verbouw van een woning. Eind 2003 hadden 60 miljoen personen zo’n rekening waarop voor een 500 miljard yuan stond, waarvan 174 miljoen werd afgehaald voor bouwen en 234 miljoen gebruikt als lening. Zo werden 3,2 miljoen personen geholpen. Het tweede systeem betreft een systeem waarbij de overheid bepaalde woningbouw een voorkeursbehandeling geeft, maar ook kwaliteitsstandaarden er van bepaalt evenals de verkoopsprijs. Van 1998 tot 2003 werd zo voor 477 miljoen m² nieuw gebouwd. Tenslotte is er nog een systeem waarbij de lokale overheden lage huurwoningen ter beschikking stellen voor personen met een minimuminkomen.

VARIA

Corruptie

Het bedrag dat door corruptie verloren gaat, wordt door Prof. Hu Angang op 1300 miljard yuan per jaar geraamd wat jaarlijks zo’n vijftien procent van het BNP betekent. Hierbij zit wel een post van leningen die niet kunnen terugbetaald worden. Volgens het toonaangevende “Transparency International” dat 133 landen onderzocht, bekleedt China de 66-ste plaats inzake corruptie met een 3,4 score, waarbij Finland het minst corrupt is met een cijfer van 9,7 en Bangladesh het meest met 1,3.

Ongelijkheid

De ongelijkheid wordt uitgedrukt in de GINI-coëfficient waarbij 0 volledige gelijkheid betekent en 100 absolute ongelijkheid. De Wereldbank stelt dat de GINI-coëfficiënt die in 1981 28,8 bedroeg, groeide tot 38,8 in 1995. Volgens het Chinees ministerie nam het cijfer tot 45,8 toe in 2000 en dit betekent een toename met 162 pct. op 10 jaar tijd. Daarmee is de ongelijkheid in China groter dan in de USA met 40 en uiteraard dan België met 30. In tegenstelling tot een verspreid geloof, is de kloof minder veroorzaakt door een verschil tussen nieuwe rijken en nieuwe armen, maar wordt de helft van de ongelijkheid toegeschreven aan het verschil tussen inkomen in stad en platteland. De GINI-coëfficient binnen de rurale gebieden en binnen de steden zelf schommelt rond de 35, wat nog als redelijk billijk geldt.

Ongevallen

In 2003 waren er bijna één miljoen arbeidsongevallen van diverse aard met een 136.340 doden

Elk jaar komen er 20.000 kinderen om bij verkeersongevallen. Het ging in 1999 om 412.000 ongevallen met 412.000 gekwetsten en 94.000 doden of 257 per dag.

Indien China zijn eigen milieuwetgeving zou naleven zouden 289.000 doden kunnen vermeden worden. Het aantal overlijdens door roken dat in 1990 rond de 800.000 per jaar bedroeg, zou tegen 2020 kunnen oplopen tot 2 miljoen per jaar.

Selecte bibliografie

Xinhua Carries ‘Full Text’ of White Paper on PRC’s Progress in Human Rights

Xinhua, Tuesday, 30/03/ 2004, FBIS 31-03-04

‘Full Text’ of White Paper Titled ‘China’s Employment Situation and Policies’

Xinhua, 26-04-2004 FBIS‑2004‑0426

‘Full Text’ of State Council White Paper ‘China’s Social Security and Its Policy’, Xinhua,

September 7, 2004, FBIS‑2004‑0907

China and the WTO Accession, Policy Reform and Poverty Reduction Strategies, World Bank, 2004

China Promoting Growth With Equity, Country Economic Memorandum, World Bank,

15-10-2003

Urban growth must be balanced, study warns, South China Morning Post, 17-09-04

Workers should be free to move, Sun Ziduo, China Daily, 13-04-04

Major Improvements in Standard of Living in Past 5 Years, 27-02-2003, Xinhua, FBIS‑2003‑0227

Fair shake for migrant workers, China Daily, 9-02-04

20 Percent of Chinese University Students Face Financial Difficulties, Xinhua, 31-08-2004

Income Disparities Highlighted, Government Action Urged, FBIS‑2004‑0716, 16-07-2004

Jan Jonckheere       China Vandaag   1/01/2005

Print Friendly, PDF & Email
Voeg toe aan :

2 comments for “China sociaal: feiten en cijfers

  1. berend bakker
    5 Februari 2013 at 12:43

    wat zijn de verschillen van de Sociale zekerhijd en wetgeving tussen China en NL??

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

 karakters beschikbaar