De Standaard publiceerde op 1 november een artikel onder de alarmerende titel: ‘China draait Japan en Taiwan de duimschroeven aan’. De journaliste dist hierin zoveel onwaarheden en verdraaiingen op dat het meer weg hrrft van propaganda voor Taiwanees separatisme.

Waarover gaat het? De nieuwe Japanse premier Takaichi verklaarde op 7 november dat een eventuele gewapende hereniging van Taiwan met China een bedreiging vormt voor de Japanse veiligheid en ongetwijfeld constitutioneel een Japanse militaire tussenkomst kan rechtvaardigen. China ervaart deze verklaring als uiterst provocerend: Taiwan maakt deel uit van China, dus Japan zou zich mengen in een intern Chinees conflict. Door te verwijzen naar de grondwetsbepalingen over conflicten tussen landen erkent ze impliciet dat Taiwan een apart land is. En China is uiteraard de 20 miljoen Chinese slachtoffers van het Japanse fascisme en de 50 jaar kolonisatie van Taiwan door Japan niet vergeten. De Japanse premier, overigens een regelmatige bezoeker van het schrijn waar de Japanse oorlogsmisdadigers begraven liggen, weigert ondanks Chinees protest haar woorden in te trekken. Op 3 december verklaarde ze wel dat het ‘fundamentele standpunt van Japan absoluut niet veranderd is’.
Hoe informeert De Standaard ons over deze zaak?
Al vanaf de titel wordt de verantwoordelijkheid voor de huidige spanningen ondubbelzinnig bij China gelegd. Het is China dat ‘de duimschroeven aandraait’.
Verder vernemen we dat afgelopen weekend drie optredens van Japanse artiesten voor jongeren in China zijn geannuleerd onder druk van de autoriteiten. Wat die druk was wordt niet uitgelegd. Wel weten de Chinese jongeren volgens de krant precies waarom ‘dankzij de propaganda in de staatsmedia’. Volgens de krant is informatie in China dus per definitie propaganda, en uiten jongeren hun ongenoegen over de Japanse regering enkel op bevel.
Vervolgens komt de journaliste op de proppen met een flagrante onwaarheid: ‘Taiwan was nooit onderdeel van de door de communisten geleide Volksrepubliek China en bestuurt zichzelf democratisch’. Taiwan, dat tot het einde van de tweede wereldoorlog een Japanse kolonie was, werd in 1945 volgens de voorwaarden van de Japanse capitulatie teruggegeven aan de Republiek China, toen bestuurd door de Guomindang van dictator Tchang Kai-shek. In 1971 beslisten de Verenigde Naties echter de Republiek China niet langer te erkennen als vertegenwoordiger van China, maar in plaats daarvan de Volksrepubliek. Daarbij werd expliciet bepaald dat de soevereiniteit van de Volksrepubliek over heel China geldt, inclusief Taiwan. Alle landen die diplomatieke betrekkingen met China hebben erkennen dit officieel.
Ook over de Taiwanese democratie valt wat te zeggen: de huidige ‘president’ heeft geen meerderheid in het parlement en probeert op slinkse wijze parlementsleden die te positief tegenover Beijing staan te laten afzetten.
Verder lezen we: ‘Peking beschouwt het eiland als een afvallige provincie en wil Taiwan op termijn inlijven’. Deze bewering impliceert dat enkel Beijing Taiwan zo ziet en dat dit geen internationaal erkend feit is. In plaats van de juridisch correcte term ‘hereniging’ gebruikt de journaliste het pejoratieve ‘inlijven’, wat opnieuw de indruk werkt dat Taiwan een apart land is.
Dan volgt de volgende onwaarheid: ‘China heeft officieel beloofd het status quo rond Taiwan niet met geweld te veranderen.’ In werkelijkheid stelt China keer op keer dat het alles wil doen voor een vreedzame hereniging met Taiwan. Daarbij is het bereid Taiwan een aanzienlijke mate van kapitalistisch en liberaal zelfbestuur te verlenen, samengevat in de formule ‘één land, twee systemen’. China doet alles om de economische en culturele banden aan te halen. Maar indien blijkt dat vreedzame hereniging geen kans meer maakt, behoudt China zich expliciet het recht voor de hereniging met geweld te realiseren.
Ondanks de beweerde Chinese belofte, geloven volgens de krant ‘steeds minder waarnemers dat de Chinese leider Xi Jinping geen plannen voor annexatie, of op zijn minst voor een blokkade – koestert. ‘ China wordt neergezet als een onbetrouwbaar land dat zijn beloften niet nakomt, met Xi Jinping als het kwade genius. En opnieuw wordt ‘hereniging’ vervangen door het pejoratieve ‘annexatie’, wat suggereert dat het om een onafhankelijke staat gaat.
Taiwanese ‘diplomaat’ over Japan
Dan komt Japan op de proppen. Volgens de krant heeft de Japanse premier China niet geprovoceerd, maar enkel ‘openlijk benoemd wat velen al vrezen’ en moet daar nu dus voor ‘boeten’. Het aankondigen van een mogelijke militaire interventie in een buurland wordt hier afgedaan als ‘zeggen wat velen al vrezen’.
Dat ‘boeten’ van Japan bestaat tot nu toe uit een stopzetting van import van Japanse zeevruchten en een negatief reisadvies voor Chinese toeristen. Dat heet dan in de titel ‘de duimschroeven aandraaien’.
De journaliste van De Standaard vroeg hierover niet de mening van een Japanner of een Chinees van het vasteland, maar van de ‘Taiwanese diplomatieke vertegenwoordiger Jhy-Wey Shieh’. Die vindt de Chinese reactie uiteraard ‘buitenproportioneel’ en is het met Takaichi eens dat een eventuele militaire hereniging van Taiwan met China ‘de Japanse veiligheidsbelangen zou schaden’. Hier botsen we op de derde en opnieuw flagrante onwaarheid. Shieh is in werkelijkheid vertegenwoordiger van het ‘Taipei Representative Office’ in Brussel, een kantoor zonder enige diplomatieke status. Hij is helemaal geen diplomaat. Het artikel probeert hier tegen beter weten in Taiwan voor te stellen als een land met normale diplomatieke betrekkingen. In werkelijkheid heeft in Europa enkel het Vaticaan diplomatieke betrekkingen met Taiwan.
Vervolgens lezen we dat China door Takaichi onder druk te zetten wil voorkomen dat andere landen ‘zich in koor solidair verklaren met Taiwan’. Want China ‘wil het huidige status quo aanpassen in zijn voordeel, maar dat gaat in tegen de internationale consensus’. Het lijkt er op dat de journaliste hier haar wensen voor werkelijkheid neemt. Bij elke bilaterale ontmoeting met China bevestigen landen telkens opnieuw de soevereiniteit van de Volksrepubliek over heel China, inclusief Taiwan. Zoals het vervolg van het artikel aangeeft staan zelfs de Verenigde Staten onder Trump momenteel niet achter het agressieve standpunt van Takaichi. En ook de EU houdt zich stil, alhoewel die volgens het artikel beter Japan zou steunen in ruil voor Japanse steun bij het confisqueren van de bevroren Russische tegoeden.
‘Intimidatie’ van Taiwan
China is intussen ook bezig met Taiwan ‘de duimschroeven aan te draaien’. Het gaat zelfs om een ‘snel toenemende campagne van intimidatie’, althans volgens niet nader genoemde ‘Taiwanese diplomatieke bronnen’. De journaliste blijft hardnekkig de valse kaart van de Taiwanese diplomatie trekken.
Een bewijs van die intimidatie? Volgens de krant – zonder een bron te vermelden – zijn er van januari 2024 tot begin deze maand op het vasteland 233 Taiwanezen opgepakt of vermist. Opnieuw verkiest de journaliste pejoratief taalgebruik ‘opgepakt of vermist’ in plaats van het correcte ‘aangehouden’. En is er echt buitensporige repressie? Elk jaar reizen zo’n 3 miljoen Taiwanezen naar het vasteland, en naar schatting wonen er 400.000 permanent. 233 opgepakte verdachten van een misdaad lijkt een laag aantal.
Er is ook sprake van echte intimidatie. Dit jaar hebben Chinese vliegtuigen al 4.762 maal de ‘afgesproken grens tussen Chinese en Taiwanese wateren’ overgestoken. Chinese militaire schepen deden dat al 2.295 keer. Het klinkt indrukwekkend, maar ondertussen serveert men ons de vierde leugen. De Chinese volksrepubliek erkent geen ‘grens’ en geen ‘Taiwanese territoriale wateren’ en heeft die helemaal niet afgesproken.
De Standaard heeft zijn oor ook te luisteren gelegd bij de Taiwanese Mainland Affairs Council, de Taiwanese dienst die ‘de relaties met Peking opvolgt’. Die beweert dat ‘hun pogingen om onze democratie te ondermijnen en de Taiwanese samenleving te infiltreren steeds succesvoller worden’. Zo opende Taiwan 168 spionagezaken tegen Chinezen in 2024, bijna zes keer meer dan in 2022. Of dit aan het repressieve karakter van de Taiwanese autoriteiten ligt of echt aan meer Chinese spionage is een vraag die niet aan bod komt.
Als toemaatje mag de vertegenwoordiger van de Council ons nog een laatste keer bang maken voor de Chinese dreiging en aansporen om Taiwan te steunen: ‘We wonen in hetzelfde huis. Als er ooit brand uitbreekt zal niemand eraan kunnen ontsnappen, ook Europa niet’.
Het artikel bevat zoveel feitelijke onwaarheden en negatieve intentieprocessen dat men zich kan afvragen of het gaat over onkunde of bewuste propaganda voor het Taiwanese separatisme.
Bron: De Standaard 1/12/2025: ‘China draait Japen en Taiwan de duimschroeven aan‘.
