De European Council on Foreign Relations (ECFR) heeft in januari van dit jaar een studie gepubliceerd met als titel: ‘How Trump Is Making China Great again – And What It Means For Europe’. Dit is een intrigerende titel en lijkt te duiden op een verandering van de bijna uitsluitend negatieve publicaties van de EU over China. Dit artikel vertaalt de samenvatting, inleiding en conclusies en bespreekt deze studie in een nawoord.

Screenshot van het artikel gemaakt door de auteur
Samenvatting
- Over de hele wereld verwachten veel mensen dat China’s – toch al aanzienlijke – wereldwijde invloed in het volgende decennium zal groeien en meer mensen zien Beijing nu als een bondgenoot of noodzakelijke partner.
- Voor een groot deel van de wereld is Amerika wereldwijd het invloedrijkst en zal het ertoe blijven doen, maar weinigen verwachten dat zijn invloed zal toenemen.
- In de meeste landen zijn de verwachtingen jegens Trump lager dan 12 maanden geleden. Zijn eerste jaar terug aan de macht lijkt op sommige plaatsen dramatische verschuivingen in de meningen over hem te hebben veroorzaakt, waaronder India en Zuid-Afrika.
- In Rusland zien meer mensen Europa nu als een tegenstander, terwijl opvattingen over Amerika juist verzacht zijn. In China wordt de EU beschouwd als een machtsspeler die zich met zijn eigen standpunten van die van Amerika onderscheidt.
- Europeanen zijn ’s werelds belangrijkste pessimisten. Ze hebben geen vertrouwen in het vermogen van de EU om als gelijke met de VS of China om te gaan en maken zich zorgen over Russische agressie en kernwapens.
- Europese leiders zouden met meer eerlijkheid moeten delen over waar Europa staat in deze post-westerse, ‘China eerst’ wereld en hoe zijn over een succesvolle strategie denken om er doorheen te navigeren.
Making China great again
Donald Trump ging niet de politiek in om China weer groot te maken. Maar de jongste peiling van de opinie over de situatie in de wereld binnen de Europese Raad voor Buitenlandse Betrekkingen suggereert dat hij dat in de ogen van de wereld wel gedaan heeft.
Een jaar na de terugkeer van Trump geloven veel mensen, in landen over de hele wereld, dat China op het punt staat nog machtiger te worden. Zelfs vóór de dramatische interventie van Trump in Venezuela dreef zijn agressieve ‘America First‘-benadering mensen dichter naar China toe.
Paradoxaal genoeg heeft Trumps ontkenning van de liberale internationale orde mensen mogelijk de rechtvaardiging gegeven om sterkere banden met Beijing op te bouwen, aangezien mensen niet langer de behoefte voelen om in lijn te blijven met de door de VS geleide alliantie. Ondertussen lijkt ‘het Westen’ in de nabije toekomst een uitgeputte geopolitieke kracht te worden. De traditionele vijanden van Amerika zijn minder dan ooit bang voor het westen, terwijl bondgenoten zich nu zorgen maken het slachtoffer te worden van een roofzuchtige VS.
Deze opsplitsing van het Westen is het meest zichtbaar in Europa en in wat anderen van Europa denken. Russen beschouwen de EU nu meer als een vijand dan de VS en Oekraïners kijken meer naar Brussel dan naar Washington voor hulp. De meeste Europeanen beschouwen Amerika niet langer als een betrouwbare bondgenoot en willen zich graag herbewapenen. Dit zijn de belangrijkste bevindingen van een nieuwe peiling onder 25.949 respondenten in 21 landen die in november 2025 werd gehouden – een jaar na de triomfantelijke overwinning van Trump bij de laatste presidentsverkiezingen – in het kader van het onderzoeksproject Europe in a Changing World van de ECFR en de Universiteit van Oxford, het vierde in een reeks van dergelijke wereldwijde enquêtes. Hoewel de gegevens dateren van vóór de operatie van Trump in Venezuela, lijken veel van de hier geïdentificeerde trends deze te voorspellen en men stelt zich voor dat de uitkomsten zelfs door deze interventie kunnen worden versterkt.
De wereld lijkt meer open te staan voor China; of er in ieder geval niet meer bang voor te zijn – een evolutie die in overeenstemming is met de dominante Chinese interpretaties van wereldwijde geopolitiek. Zoals de ECFR vorig jaar in The Idea of China uiteenzette, geloven Xi Jinping en anderen dat de wereld ‘grote veranderingen doormaakt die al in een eeuw niet meer gezien zijn’, hetgeen (hoewel niet beperkt tot) een machtsverschuiving van west naar oost veroorzaakt. Een manier waarop de Chinezen hiermee – en met de hegemonie van Amerika – omgaan is door met andere landen samen te werken om ‘internationale betrekkingen te democratiseren’ door niet-westerse landen meer stem te geven. In een wereldorde waarin (zoals uit de enquête van dit jaar blijkt) ondervraagden het gevoel te kennen geven dat hun landen vrijer dan ooit zijn om hun vrienden te kiezen, zullen de resultaten van de peiling de besluitvormers in Beijing als muziek in de oren klinken. Voor besluitvormers in Europa is de vraag echter hoe te leven in de echt multipolaire wereld waarvan veel Europeanen al lang gedroomd hebben, maar misschien nooit hadden gedacht dat het op deze manier vorm zou krijgen. Ze zijn ook bang dat de interventie in Venezuela het idee legitimeert dat China en Rusland hun eigen invloedssferen hebben.
Dringende vragen voor Europa
De nieuwe peiling van de ECFR onthult een wereld waarin de acties van Amerika – ooit de trouwste bondgenoot van de Europeanen – helpen ‘China weer groot te maken’, wat een echt multipolaire wereld inluidt. De interventie van Trump in Venezuela geeft aan dat hij heeft besloten dat het beter is voor een grootmacht om gevreesd dan geliefd te worden. En Europeanen komen in het reine met het feit dat zelfs een ooit hechte bondgenoot van de VS zoals Denemarken wordt bedreigd met de inbeslagname van Groenland, bijna alsof een mede-NAVO-lid een vijandelijke macht is.
In 2026 zou Europa kunnen worden samengeperst of gewoon genegeerd in zo’n wereld in beweging, hoewel gemengde opvattingen over Europese macht zowel hoop als schroom genereren. De bevindingen bevestigen inderdaad een dringend gevoel van dreiging onder Europeanen, gecombineerd met diepe onzekerheid over hoe te reageren wanneer China niet alleen in opkomst is, maar ook al tot grote hoogte is gestegen. Politieke leiders in Europa moeten zich niet langer afvragen of hun eigen burgers de radicale aard van de huidige geopolitieke veranderingen begrijpen. Dat doen ze.
De cruciale vraag nu voor leiders en kiezers is hoe Europa er in 2030 uit zou moeten zien, als het voor zichzelf wil opkomen in alle dimensies van macht: militaire, economische, culturele en politieke macht. Het Europese publiek lijkt goed voorbereid te zijn op de boodschap die bondskanselier Friedrich Merz onlangs heeft overgebracht dat de ‘Pax Americana’ voorbij is. Het contrast met onze eerste wereldwijde peiling is zeer opvallend. Deze werd slechts drie jaar geleden uitgevoerd, toen mensen aan de ene kant een verenigd trans-Atlantisch Westen voor Oekraïne tegen Rusland zagen opkomen en aan de andere kant een breed Rusland vriendelijk blok. Gezien de tactische noodzaak om het grenzeloze narcisme van Trump te vleien is meer eerlijkheid thuis over waar Europa staat in deze post-westerse ‘China first‘ wereld essentieel voor het formuleren van een coherente Europese strategie.
In een periode waarin zowel overmatig pessimisme als overmatig optimisme contraproductief zijn, moeten Europese leiders tegelijkertijd realistisch en moedig zijn. In een tijdperk van ‘veranderingen die we in een eeuw niet meer gezien hebben’ zullen ze nieuwe manieren moeten vinden, niet alleen om het in een multipolaire wereld te redden, maar om een pool in deze wereld te worden – dan wel tussen de anderen te verdwijnen.
Kan Europa op eigen gelegenheid een veilige, vrije en welvarende toekomst voor Oekraïne garanderen? Hoe kan Europa een ‘vuile vrede’ vermijden zonder beschuldigingen van zijn eigen burgers te krijgen dat het pad naar vrede wordt belemmerd? Heeft een politiek verdeeld continent voldoende beleidscoördinatie, macht en politieke wil om zich militair tegen Rusland te verdedigen, economisch tegen China en politiek tegen de VS (ook ter verdediging van Groenland)? Of moet het een beleid van ‘neo-Habsburgs’ pragmatisme omarmen, simpelweg strevend naar het huidige moment van maximale kwetsbaarheid? Hoe realistisch zou het voor de EU zijn om een nauwere relatie met China te zoeken om de verzwakking van de banden met de VS te compenseren, terwijl goedkope Chinese export de industriële basis van Europa dreigt te vernietigen? Is er enige hoop op het creëren van een ‘nieuw Westen’ met gelijkgestemde machten zoals Canada, Australië en Japan? Dit zijn de vragen die Europeanen in 2026 dringend moeten aanpakken.
Nawoord
Dit is zeker geen onverdeeld positief document over China. Het zet China echter ook niet kort door de bocht weg als een tegenstander, zoals we dat de laatste jaren van EU-documenten gewend zijn. In dat opzicht leest het verfrissend. Een andere plezierige afwisseling is het erkennen dat de mensheid onderweg is naar een multipolaire wereld en dat die beweging onomkeerbaar is.
Wat dat laatste betreft zijn de auteurs er duidelijk nog niet uit hoe de term multipolaire wereld onderbouwd kan worden. Ik zie in hun betoog twee verschillende indelingen. De eerste is die tussen westerse en andere naties. Dit is de traditionele manier van indelen, die gebaseerd is op het idee dat het ontwikkelde westen in brede zin (politiek, cultureel, economisch) de benchmark is; het voorbeeld voor alle niet-westerse, onderontwikkelde, landen. Wanneer de auteurs meer concreet worden, zie we vier entiteiten naar voren treden: de EU, de VS, Rusland en China. Indirect blijft er dan de groep ‘overige naties’ over. Deze indeling is gebaseerd op politieke invloed. In die context komt de EU er als de zwakste uit. De EU en de VS maken in de traditionele indeling deel uit van het westerse blok, waarin de VS de leidende positie heeft. Deze wordt door Trump steeds meer misbruikt, waardoor de EU zich af dreigt te splitsen als een separaat machtsblok. Het probleem daarbij is dat de EU in werkelijkheid niet zo machtig is en neigt te zoeken naar een nieuw steunpunt. Dat zou China kunnen zijn. China zal voorlopig niet de rol van de VS over kunnen nemen, maar betere relaties met China worden wel wenselijk. Aan toenadering tot Rusland wordt immers voorlopig niet gedacht en daarnaast is er geen andere kandidaat.
Een hernieuwde toenadering tot China is zeker welkom; ook als dat als de minst slechte keuze gezien wordt. Het is belangrijk dat de EU en China geleidelijk aan de handelsbetrekkingen weer aantrekken. Dit zal het onderling begrip verhogen, wat weer tot meer uitwisseling van toeristen, culturele delegaties, enz., zal leiden en opnieuw meer en breder onderling begrip.
Bron: ECFR; de volledige Engelse tekst kunt u hier downloaden.
