China en de oorlog in Iran: een klimaat voor vrede scheppen

vrede
Op deze foto, genomen op 14 april 2026, staat een man voor zijn winkel die is verwoest door Amerikaanse en Israëlische luchtaanvallen in Teheran, Iran. (disclaimer foto Xinhua/Shadati)

Jenny Clegg (Opinie)

Beijing kiest voor diplomatie in plaats van confrontatie – en laat zo een heel andere visie op mondiaal beleid laat zien, volgens Chinakenner en prominent vredesactivist Dr. J. CLEGG

Waarom heeft China zich buiten de oorlog in Iran gehouden? Deze vraag kunnen zowel de mainstreammedia als de linkse commentatoren, die China zien als een rivaal van de VS om de wereldheerschappij, moeilijk beantwoorden. Zou ‘de toekomstige wereldheerser’ zijn bondgenoot niet te hulp moeten schieten ‘nu zijn eigen expansionistische plannen door de Amerikaanse oorlog worden bedreigd?’

Strategie VS tegen China

Voor alle duidelijkheid: de strategie van Trump is wel degelijk gericht tegen China. Het was de bedoeling om met de Amerikaanse Nationale Veiligheidsstrategie 2025, te focussen op het westelijk halfrond, en de aandacht voor de Amerikaanse strategie wat van de Indo-Pacific af te leiden. In feite was het ‘Donroe’-blok tegen Chinese investeringen in Latijns-Amerika specifiek bedoeld om de BRICS-groep te vernietigen. De Nationale Defensie-evaluatie van januari 2026 maakte duidelijker wat volgens Washington de Amerikaanse veiligheid bedreigt: direct na zorgen om de binnenlandse veiligheid kwam vrees voor China, gevolgd door Rusland, Iran en Noord-Korea. Net zoals veel van Bidens hoge functionarissen zien Trump & Co deze landen duidelijk als ‘de gevaarlijkste alliantie sinds de Tweede Wereldoorlog’: dus, wat als ze allemaal samen zouden toeslaan tegen het Westen?

Dit perspectief vormt de rechtvaardiging voor een snelle militarisering en oorlogsvoorbereidingen. Het probleem voor de Amerikaanse analyse is echter deze vraag: waarom neemt China, de belangrijkste macht achter het ‘dodelijke kwartet’, niet het voortouw om zijn bondgenoot en vriend Iran te verdedigen?

De armzalige berusting van de VN-Veiligheidsraad, die zijn verantwoordelijkheden voor Palestina aan de ‘Vredesraad’ overdroeg, gaf een steuntje aan de ontketening van Trumps wereldwijde ravage. Netanyahu greep op zijn beurt de kans aan om voluit te gaan voor Groot-Israël.  Maar voor de beide grootmachten was actie in feite hoogdringend – hun plannen voor een respectievelijk mondiale en regionale hegemonie stonden op het spel.

De herschepping van de 21e eeuw

In juni 2025 was immers een nieuwe fase van het Chinese ‘Belt and Road Initiative’ (BRI) van start gegaan met de ingebruikname van de spoorlijn tussen Iran en China. Deze directe verbinding tussen Iran, Centraal-Azië en China biedt een alternatieve economische corridor voor de export van olie en delfstoffen, waarmee de Amerikaanse sancties en maritieme knelpunten zoals de Straat van Malakka kunnen worden omzeild. In september 2025 vond vervolgens de top van de Shanghai Cooperation Organisation plaats in Tianjin. De groeiende relevantie van de organisatie voor het Midden-Oosten werd duidelijk. Iran was in 2023 volwaardig lid geworden, terwijl Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Egypte sinds 2022 partners zijn.  

Naast Egypte, Iran, Pakistan en Turkije, samen met India en Rusland, waren op de top in Tianjin ook Cambodja, Vietnam, Laos en een vertegenwoordiger van de ASEAN aanwezig (Indonesië wilde de uitnodiging aannemen, maar vanwege binnenlandse problemen kon de premier niet komen). Er tekende zich nu een nieuwe verkeersader af tussen de snelgroeiende en moderniserende regio’s van het Midden-Oosten/West-Azië en Zuidoost-Azië, verbonden door een hogesnelheidsspoorlijn door West-China. De 21e eeuw werd herschapen.

Louter propaganda?

Zowel mainstreamcommentatoren als linkse critici menen dat de passiviteit van China te wijten is aan een gebrek aan militaire capaciteit: het land beschikt simpelweg niet over de basissen, de vooruitgeschoven munitievoorraden en de langdurige militaire akkoorden waarvoor de VS in de loop van decennia heeft gezorgd. Toch blijven zij China zien als de rivaal in spe, die zijn kracht aan het opbouwen is. Het decennialange verzet van Beijing tegen blokvorming, zijn verzekeringen dat het nooit een overheerser zal worden, zijn afwijzing van militaire allianties, zijn verwerping van een G2-machtsdeling met de VS – het wordt allemaal afgedaan als propaganda die bedoeld is om anderen in zijn eigen invloedssfeer te lokken.

De waarheid is echter dat China zich allesbehalve passief heeft opgesteld. Nadat de VN-Veiligheidsraad er niet in was geslaagd Trumps oorlog als illegaal te bestempelen en in plaats daarvan alle schuld bij Iran legde, zette China nog meer in op diplomatie. Er werd een speciale gezant naar de regio gestuurd, terwijl minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi meerdere telefoongesprekken voerde – met de Golfstaten, Rusland, Iran en Israël, en vervolgens met Kaja Kallas van de Europese Commissie en de Duitse bondskanselier Friedrich Merz – om de boodschap over te brengen dat de regio het internationaal recht en een staakt-het-vuren steunt.

Vervolgens voerde China overleg met Pakistan, dat van zijn kant al gesprekken had gevoerd met Egypte, Turkije en Saoedi-Arabië. Samen stelden China en Pakistan een vredesplan van vijf punten op, waarin onder meer de stopzetting van de vijandelijkheden, de bescherming van burgers, het herstel van de maritieme veiligheid en het primaat van het internationaal recht aan de orde kwamen.

Lessen uit het niet zo verre verleden

Het zes-puntenplan dat China en Brazilië in mei 2024 hadden opgesteld voor een politieke oplossing van de crisis in Oekraïne was door de westerse mogendheden nog terzijde geschoven, ondanks steun vanuit het hele Zuiden. Dit keer hield China rekening met de lering getrokken uit het verleden. Beijing zorgde ervoor dat er bij de belangrijkste spelers een draagvlak was gecreëerd voordat het plan werd aangekondigd. Ook het diplomatieke werk in de VN-Veiligheidsraad was cruciaal om momentum te creëren voor bemiddeling. Rusland en China spraken nu hun veto uit tegen een resolutie die opriep tot interventie om de Straat van Hormuz te openen. Enkele uren later, terwijl Trump aan het dreigen sloeg dat hij ‘de Iraanse beschaving zou vernietigen’, verklaarde Pakistan dat de vijandelijkheden zouden worden opgeschort en dat de onderhandelingen zouden beginnen.

Tijdens de Veiligheidsconferentie van München in februari had Rubio zwaar uitgehaald naar de VN: de organisatie had Gaza in de steek gelaten, Oekraïne in de steek gelaten. Ze had gefaald in de aanpak van de radicale sjiitische geestelijken in Iran. De VS daarentegen, zo beweerde hij, boekte succes, onbelemmerd door ‘getheoretiseer over het internationaal recht’. 

De oorlog met Iran bracht de wereld nu naar een keerpunt tussen diplomatie en oorlog. Toen ze dan in april 2026 van hun vetorecht gebruikmaakten verwezen zowel Rusland als China naar de door de VS geleide bombardementen op Libië in 2011, waardoor een groot deel van Noord-Afrika in chaos zou vervallen. Ze betreurden het falen toentertijd om zich in de VN-Veiligheidsraad te verzetten tegen het besluit daarover. Nog een mislukking in de VN-Veiligheidsraad zou dit keer de deur hebben geopend naar wereldwijde chaos. Nu blokkeerden Rusland en China de poging om de imperialistische interventie in de Straat van Hormuz te legitimeren. Zo versperden ze de door fascisten gesteunde oorlogsstokers de weg. Samen brachten multilaterale druk en Iraans verzet de VS aan de onderhandelingstafel, waardoor een afglijden naar de Derde Wereldoorlog werd voorkomen.

vrede
Op deze foto, genomen op 11 april 2026, is de buitenkant te zien van het perscentrum voor de besprekingen tussen de Verenigde Staten en Iran in Islamabad, Pakistan. (disclaimer foto Xinhua/Wang Shen)

Kansen op vrede

Oorlogen zorgen voor herschikkingen in regio’s; ze kunnen de wereld herordenen. De oorlog in Iran zet nieuwe trends in gang die landen ertoe aanzetten om zich los te maken van hun afhankelijkheid van olie en gas uit het Midden-Oosten en hun groene transitie te versnellen – daarvoor zullen ze de hulp van China nodig hebben.

De deal van de Golfstaten, met Amerikaanse basissen en enorme wapenaankopen in ruil voor veiligheid, heeft hen in de vuurlinie geplaatst.  Op zoek naar een meer zelfvoorzienende manier om hun veiligheid te verzekeren zullen ze misschien hun eigen militair-industriële basis opbouwen – en met de aanwezigheid van een regime dat zo agressief is als het Israëlische en een vastberadener Iran doemt de kwestie van nucleaire proliferatie steeds duidelijker op in de regio.  Maar nu de VS op allerlei manieren in verval komt, hebben ook nieuwe ontwikkelingen invloed gehad op de herschikking van de verhoudingen in de regio. Er kwam een toenadering tussen Saoedi-Arabië en Iran, tot stand gebracht door China. Beijing trad opnieuw op als bemiddelaar voor de verzoening tussen de Palestijnse groeperingen. En nu willen Turkije, Egypte, Saoedi-Arabië en Pakistan, allemaal leden van het Belt and Road Initiative, meer verantwoordelijkheid nemen om naar vrede te streven.

Wat het Midden-Oosten echt nodig heeft, is een nieuwe gezamenlijke veiligheidsregeling – en die moeten deze buurlanden zelf tot stand brengen. China wil geen oplossingen opdringen: het vredesplan van China en Pakistan lijkt misschien vaag, maar het is niet louter loze retoriek. Het fungeert veeleer als een slogan die de richting aangeeft, regionale staten en bewegingen samenbrengt om zich te richten op de onderliggende oorzaken van het conflict. Tegelijkertijd vestigt het plan weer de aandacht van de wereld op de hernieuwing van de rol van de VN.

Het Chinese alternatief

Als China was tussenbeide gekomen om Iran te ‘verdedigen’, zou dit de spanningen inderdaad hebben laten escaleren en de wereld in een Derde Wereldoorlog hebben gestort. China kiest voor een andere aanpak: het wil een klimaat creëren dat vrede mogelijk maakt. Via de BRI en met intensievere diplomatie speelt Beijing in op de multipolaire trend om stappen aan te moedigen die staten en regio’s zetten naar strategische autonomie. Zo zullen landen meer ruimte krijgen om hun eigen soevereiniteit te bevorderen, niet ten koste van elkaar, maar door op een meer gelijkwaardige basis internationaal met elkaar om te gaan. Dit is een alternatief voor het westerse model van overheersing en ondergeschiktheid.

“Que sera, sera”

Trump is er nu mee begonnen de Straat van Hormuz te blokkeren, waardoor het broze staakt-het-vuren in gevaar komt. China haalt ongeveer een derde van zijn olie-import en een kwart van zijn gasimport uit het Midden-Oosten, dus blijkbaar wil Trump ‘druk uitoefenen op Iran en druk uitoefenen op China om druk uit te oefenen op Iran’. De Britse premier Starmer heeft het sturen van oorlogsschepen uitgesloten, maar met zijn nieuwe militair-diplomatieke coalitie wil hij duidelijk het behoude van een regionale rol voor Europese NAVO-leden nastreven. Dat moet de staten in het Midden-Oosten verdeeld houden om ze beter en blijvend te overheersen.

Trump zal Xi Jinping half mei ontmoeten en hij wil dat als winnaar doen, niet als verliezer. Er kan in vier weken veel gebeuren. Nu de oorlog die de VS en Israël voeren voortduurt, blijft de keuze tussen eenzijdige agressie en een multipolaire vrede op het scherp van de snede. Het kan zijn dat de aandacht nu zal verschuiven van de oorlog naar de verhouding tussen de VS en China.

Het bovenstaande artikel verscheen als opiniestuk in The Morning Star van 16 april 2026, onder de titel China and the Iran war: creating an environment for peace.

De vertaling voor ChinaSquare is van Dirk Nimmegeers