China – EU handelsbesprekingen becommentarieerd in Chinese partijkrant

De Chinese partijkrant Renmin Ribao (People’s Daily) publiceerde een officieel commentaar op de China – EU handelsbesprekingen van 8 en 9 october. De vertaling en selectie van M.Kewalramani lijkt nuttig om de betekenis en de draagwijdte van die gesprekken beter in te schatten.

(disclaimer foto) De Chinese minister van Handel Wang Wentao (rechts) en Europees commissaris voor Handel en Economische Veiligheid Maros Sefcovic zitten gezamenlijk de tweede bijeenkomst van het overlegmechanisme tussen China en de EU inzake handel en investeringen voor in Beijing foto Het Chinese ministerie van Handel via CGTN

Over de handelsbesprekingen van 8 en 9 october tussen China en de EU schreven we dat die geleid hadden tot een voorlopig akkoord en het besluit om mogelijkheden tot verdere toenadering na te gaan. Op maandag 12 oktober publiceerde de krant van de CPC een commentaar hierop, van de hand van Zhong Sheng. Deze naam is een pseudoniem, waarover het Britse Lowy Institute het volgende schrijft. ‘Om inzicht te krijgen in het standpunt en de intenties van China op het gebied van buitenlandse zaken, zijn er maar weinig bronnen die een duidelijker beeld geven dan de Zhong Sheng-commentaren in de officiële krant People’s Daily’. Artikelen onder het pseudoniem ‘Zhong Sheng’ (Stem van China) – geven de gezaghebbende visie van de Communistische Partij weer. Manoj Kewalramani volgt de People’s Daily en vertaalt voor de lezers van zijn substack een selectie van artikelen, waarbij hij bepaalde passages accentueert.

Hieronder geven we zijn vertaling en bewerking van het officiële commentaar op wat er uit de besprekingen van 8 en 9 oktober is gekomen. Dat lijkt nuttig om de betekenis en de draagwijdte van die gesprekken beter in te schatten.

Begin, geen eindpunt

‘Zowel China als de EU erkennen dat “het succesvol houden van de tweede reguliere bijeenkomst een nieuw beginpunt is, en geen eindpunt”. Uit deze formulering blijkt dat er weliswaar verschillen bestaan tussen China en de EU, maar dat, zolang de beginselen van wederzijds respect, gelijkheid en wederzijds voordeel worden gehandhaafd en er volledig rekening wordt gehouden met elkaars legitieme zorgen, beide partijen over alle wijsheid en bekwaamheid beschikken om een weg te vinden om de problemen op de juiste wijze op te lossen’… dit ‘komt China, de EU, maar ook de wereldeconomie ten goede.’

Dan volgen er cijfers die de verwevenheid van de Chinese economie en die van de EU en het belang van de handel tussen beide laten zien. Vervolgens countert Zhong Sheng argumenten van anti-China-haviken in de politiek en de media van de EU. De verstandige commentator van de People’s Daily gebruikt daarvoor onder meer de observaties van de gezaghebbende (neoliberale) Economist.

Politisering handel is niet de oplossing

‘Europa kent een diepgewortelde traditie van vrijhandel en speelt al geruime tijd een belangrijke rol bij de opbouw van een open wereldeconomie. China heeft opgemerkt dat de EU al enige tijd achtereenvolgens een aantal handelsbeschermingsmaatregelen en industriële beleidsmaatregelen heeft ingevoerd, en dat de neveneffecten van deze maatregelen internationale aandacht hebben getrokken. De politisering van economische en handelskwesties, de buitensporig ruime opvatting van nationale veiligheid, en de onredelijke belemmeringen voor handel en investeringen daarbij, zijn niet alleen in strijd met het WTO-beginsel van eerlijke concurrentie, maar zullen ook de stabiliteit van mondiale industriële en toeleveringsketens verstoren. Uiteindelijk zijn ze niet bevorderlijk voor de transformatie en modernisering van de eigen Europese industrieën. Een analyse van het Britse tijdschrift The Economist slaat de spijker op zijn kop: als Europa wil dat zijn industrie floreert, moet de focus niet liggen op het weren van concurrenten, maar op het aanpakken van de eigen, opgestapelde interne problemen. Veel scherpzinnige mensen in Europa hebben er al op gewezen: de versterking van het industriële concurrentievermogen gebeurt door interne structurele problemen aan te pakken, in plaats van de externe concurrentie simpelweg te beperken.’ 

Volgens de officiële visie van de Chinese regering is ‘China voor Europa altijd een partner geweest bij het aanpakken van ontwikkelingsuitdagingen, en niet de bron van zijn problemen. De echte uitdaging voor de economische en handelssamenwerking tussen China en de EU ligt in het aanvoeren van risicobeperking als voorwendsel voor het beoefenen van samenwerkingsbeperking. China heeft altijd volgehouden dat wederzijdse afhankelijkheid geen risico vormt, dat de verwevenheid van belangen geen bedreiging vormt, en dat open samenwerking de juiste weg is naar gezamenlijke ontwikkeling’.

De ‘kracht van samenwerking’

In het commentaar wordt dan gewezen op de voordelen van de samenwerking: China’s enorme markt, zijn innovativievermogen, …evenzoveel mogelijke hulpmiddelen bij de groene transitie en de eigen Europese wetenschappelijke en technologische vernieuwing.  De CPC betreurt het feit dat ‘unilateralisme en protectionisme’momenteel nog in opgang zijn. Daardoor komt immers‘de internationale economische en handelsorde onder druk te staan’.

Optimistisch eindigt het commentaar echter met een boodschap waaruit vertrouwen blijkt.‘Als fervente voorstanders van en actieve deelnemers aan het multilaterale handelsstelsel benadrukken zowel China als de EU de waarde van een op regels gebaseerd multilateraal handelsstelsel, steunen zij de hervorming van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en onderstrepen zij het belang van naleving van de WTO-regels’.

China is klaar voor economische samenwerking

Toch lijkt de volgende passage tussen de regels een zekere waarschuwing in te houden tegen al te hooggespannen verwachtingen.‘Dialoog en overleg vormen de beste manier om meningsverschillen op te lossen, terwijl samenwerking die voor beide partijen voordelen oplevert de grootste gemeenschappelijke noemer is voor gezamenlijke ontwikkeling. Met het oog op de toekomst is China bereid om, op basis van naleving van de WTO-regels en met inachtneming van elkaars kernbelangen, samen te werken met de EU om wrijvingen en meningsverschillen via dialoog en overleg te blijven oplossen, voortdurend nieuw potentieel voor samenwerking te ontdekken en nieuwe samenwerkingsgebieden uit te breiden, en gezamenlijk de kracht van China en de EU in te zetten voor het bevorderen van de wereldwijde economische groei en om de veiligheid en stabiliteit van de mondiale industriële en toeleveringsketens te waarborgen.’ Of zoals de marxistische activist Tings Chak tijdens een China-evenement op Manifiesta onlangs zei: ‘economische samenwerking? China is er klaar voor. De keuze is aan Europa’.

Bronnen: People’s Daily, CGTN, substack Manoj Kewalramani, Lowy Institute