Een lange mars naar groepsimmuniteit?

Volgens een artikel van sixthtone.com zijn er drie factoren die het moeilijk maken om groepsimmuniteit onder de Chinese bevolking te bereiken.

Drie handicaps dus: vaccins (Chinese en buitenlandse) blijken een beperkte werking te hebben; er wonen bijna 1,4 miljard mensen in China; door het enorme succes bij de bestrijding van COVID-19 gaat de wet van de remmende voorsprong spelen.

groepsimmuniteit
Vaccinatie Tsinghua universiteit, 1 maart. (foto Yuan Yi, Beijing Youth Daily, People Visual)

Buffer

Wikipedia noemt ‘groepsimmuniteit (herd immunity) een vorm van indirecte bescherming tegen infectieziektes’ die ontstaat doordat genoeg mensen niet meer vatbaar zijn voor een besmetting met een bepaald virus. De ziekteverwekker kan zich dan niet of moeilijk verspreiden. ‘Tussen een besmet individu en nog niet immune personen bevindt zich als het ware een buffer van individuen die de infectie niet kunnen overdragen’. Over het algemeen nemen deskundigen aan dat minimaal 60% (en ideaal 90%) van de bevolking hiervoor een vereiste is. Zoiets is eigenlijk enkel via vaccinatie mogelijk. Natuurlijk zou herd immunity het effect kunnen zijn van een enorme besmettingsgraad onder de burgers, een gedachte die sommige westerse regeringen (o.a. de regeringen Johnson en Rutte) een tijdje heeft aangesproken. Gelukkig is intussen het inzicht voortgeschreden: de meeste politici begrijpen dat de enige doenbare en humane weg naar collectieve immuniteit die via het vaccin is.

Snelheid telt

Bovendien is het belangrijk om de collectieve immuniteit voor het nieuwe coronavirus dat COVID-19 veroorzaakt, zo snel mogelijk te realiseren. Er zouden onder de nieuwe varianten van dat virus ziekteverwekkers kunnen voorkomen waartegen de groepsimmuniteit voor het oorspronkelijke virus niet bestand is.

Goed voor de wereld en voor China

De Chinese regering streeft er inderdaad naar zo snel mogelijk in de kopgroep te zitten van landen met een collectieve immuniteit, een doelstelling van wereldbelang. Immers, de Chinese bevolking maakt bijna 18% van de totale wereldbevolking van 7,8 miljard mensen uit. Met groepsimmuniteit in China maakt de hele wereld ‘een grote sprong voorwaarts’ in de bescherming tegen COVID-19. Ook voor China zelf zullen de voordelen niet gering zijn. Chinezen die terugkeren uit het buitenland en andere reizigers, toeristen, zakenmensen, politici, sporters, kunstenaars enz. zullen minder beperkingen ondervinden als ze het land willen binnenkomen. Nu moeten ze nog de nodige bewijzen van tests of vaccinatie voorleggen, 14 dagen in quarantaine en een week vervolgcontrole doorstaan, zoals bijvoorbeeld de leden van het WHO-onderzoeksteam naar de oorzaak van corona hebben meegemaakt. Belangrijk is ook dat er dan een einde komt aan al de stress en de ongemakken die voortvloeien uit beperkte lockdowns waarmee de overheid tot nog toe alle heropflakkeringen en kleine uitbraken heeft kunnen tegenhouden. Dan zal China de flexibele en gedeeltelijke isolatie, die het zichzelf voor het herstel van de volksgezondheid heeft opgelegd, helemaal kunnen verlaten.

1 miljard inentingen

Sommige experts vrezen echter dat de weg naar groepsimmuniteit in China erg lang zou kunnen worden. De vaccins die in China zelf zijn aangemaakt en waarvan er intussen vijf door de overheid zijn goedgekeurd voor algemeen gebruik, hebben een effectiviteit van 50 tot 79%. Als enkel het meest doeltreffende van die vijf zou worden gebruikt zou 76% van de bevolking, dat is meer dan 1 miljard mensen, moeten worden ingeënt om groepsimmuniteit te realiseren, althans volgens de rekenmethode van Benjamin Cowling, een epidemioloog van een Hongkongse universiteit. Misschien een overdreven eis, maar het geeft in elk geval een indicatie. Ook westerse vaccins kunnen aan effectiviteit inboeten door het ontstaan van varianten van het SARS-CoV-2 dat COVID-19 veroorzaakt, en dat legt de lat alweer hoger voor de hele wereld, inclusief China.

Duizelingwekkend

Het succes van de collectieve en daadkrachtige Chinese aanpak van COVID-19, zonder aarzelingen en met uiterst weinig misstappen staat buiten kijf. In een reusachtig ontwikkelingsland omringd door 14 buurlanden en met een miljardenbevolking zijn tot nog toe slechts 85.000 burgers besmet. Daardoor is echter ook de bevolkingsreserve voor groepsimmuniteit zeer laag. Die reserve van immune personen krimpt nog omdat lang niet alle mensen die COVID-19 kregen de antistoffen hebben aangemaakt die hen voor lange tijd bescherming kunnen bieden tegen de ziekte. Dat kan afgeleid worden uit een studie onder de bevolking van Wuhan, het eerste epicentrum van de epidemie, die The Lancet op 19 maart publiceerde. Het verdict: tussen de 840 miljoen en de 1.000 miljoen Chinezen (zie hierboven) zullen nog moeten worden ingeënt.

Planning

Het plan is om tegen juni 560 miljoen Chinezen te vaccineren, 40% van de bevolking. Dat wordt een enorme uitdaging. Omdat landen met een groot budget miljoenen vaccins voor zichzelf opgekocht hebben moet China extra inspanningen leveren voor de vaccinatie in armere landen. Zo maakt het zijn belofte van internationale solidariteit in de strijd tegen COVID-19 waar. Op 1 maart had China aan 57 landen vaccins gegeven en aan 23 andere landen verkocht. Er was op een moment sprake van dat de Chinese bedrijven er niet in zouden slagen om voldoende te produceren, maar dat lijkt van de baan. Sinovac kan tegen juni 2 miljard dosissen aanmaken. Sinopharm belooft 1 miljard dosissen voor binnenlands gebruik tegen het einde van 2021, en het lijkt CanSinoBIO haalbaar om jaarlijks minimaal 500 miljoen dosissen te leveren.

groepsimmuniteit

Op 16 maart arriveren door China gedoneerde vaccins op het internationaal vliegveld van Windhoek, hoofdstad van Namibië. (foto Xinhua)

Waarom zo traag?

Een week geleden, op maandag 15 maart, waren er in China nog maar 65 miljoen dosissen van de COVID-19 vaccins toegediend. En dit betekent niet dat er 65 miljoen mensen zijn ingeënt, want alleen bij het door China goedgekeurd vaccin van Cansino is er maar 1 dosis per persoon nodig. Het vaccineren verloopt dus traag, maar ook dat heeft te maken met de lage besmettingsgraad. Zo hebben tot nog toe hoofdzakelijk actieve personen tussen 18 en 59 jaar die het meest kans lopen besmet te geraken, zoals personeel van luchthavens en gezondheidswerkers een vaccin gekregen. Voor andere bevolkingsgroepen wacht een voorzichtige Chinese overheid nog steeds om groen licht te geven tot er voldoende testgegevens zijn. Een van de factoren die het testen voor China ingewikkeld maken is dat het genoodzaakt is voor zijn tests uit te wijken naar andere landen waar veel besmettingsgevallen zijn.

Remmende voorsprong

De Chinese overwinning op het COVID-19 front heeft dus grote nadelen: slechts met honderden miljoenen extra inentingen kan China groepsimmuniteit bereiken en een goedkeuring van de Chinese vaccins heeft langer tijd nodig. Een ander negatief effect is de dalende motivatie van grote aantallen Chinese burgers om zich te laten inenten. ‘Wij in China hebben nog maar zelden lokale besmettingsgevallen, en die zijn meestal afkomstig uit het buitenland. Dus gewone mensen voelen misschien geen dringende behoefte om het vaccin te krijgen’ merkt een viroloog van de universiteit van Fudan op. Volgens een onderzoek van het World Economic Forum is 85% van de Chinezen bereid om zich te laten vaccineren. De Chinese bevolking zit hiermee nog steeds in de groep met de grootste bereidheid. Met twee addertjes onder het gras echter: in de zomer van 2020 was dat nog 95% en van de huidige 85% zijn er maar 44% burgers die zich meteen willen laten vaccineren zodra het mogelijk is. Zo ontstaat het risico dat China de ‘race tegen de varianten’ verliest. Zhang Wenhong, een vooraanstaand deskundige van het Huashan ziekenhuis in Shanghai, schat dat het in het beste geval (als China de drempel van 40% in juni haalt) nog 7 maanden kan duren voor China groepsimmuniteit bereikt.

Twijfels

Vanwege al die belemmeringen en twijfels vrezen sommigen dat China nog lange tijd geïsoleerd zal moeten blijven en een beroep zal moeten doen op strenge maatregelen. Ook daar gaan er nu stemmen op om de maatregelen te versoepelen en het publiek te laten wennen aan een ‘leven met corona, als een soort griep’, onder meer via voorlichtingscampagnes. Het aantal doden wereldwijd daalt en de Chinese vaccins zijn wel degelijk erg effectief in het bestrijden van de ergste symptomen, zodat er tegenwoordig veel minder mensen in de Intensive Care terechtkomen.

Hoop

Vooralsnog wil de regering hier echter beslist niet aan. Beijing mikt erop dat overheden van steeds meer landen zullen beseffen hoe levensbelangrijk het is om over politieke geschillen heen te stappen en wereldwijd samen te werken. De regering wordt daarin gevolgd door zijn eigen experts en adviseurs die goede ervaringen hebben met internationale samenwerking tussen wetenschappers. De regering wil de uitdaging aannemen. Gao Fu, die aan het hoofd staat van het Chinese Center for Disease Control and Prevention, heeft in een interview voor CGTN toegezegd dat China tegen midden 2022 tussen de 70% en de 80% van zijn bevolking zal vaccineren. Volgens Gao Fu heeft China goede hoop dat het wat groepsimmuniteit aangaat mondiaal het voortouw kan nemen.

Bronnen: COVID-19trackvaccines.org, sciencemag.org, eurekalert.org (Amerikaanse website voor wetenschap) sixthtone.com, Wikipedia, dewereldmorgen.be, Reuters, ipsos.com, Global Times, CGTN

Print Friendly, PDF & Email
Voeg toe aan :

1 comment for “Een lange mars naar groepsimmuniteit?

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 karakters beschikbaar