‘Na twintig jaar in Xinjiang kijk ik anders naar het debat dan veel mensen in Europa’

Belgisch landbouwingenieur Danny Decombel woont al zo’n twintig jaar in Xinjiang. Hij werkt al ruim 36 jaar in China en kent de regio zowel als ondernemer als inwoner. Hoe kijkt iemand die er dagelijks leeft naar de vaak verhitte discussies over terrorisme, religie, veiligheid en de positie van de Oeigoeren?

Zondag 13 september om 12:30H wordt Danny Decombel geïnterviewd in de China Corner tijdens Manifiesta. Maar China Vandaag sprak al met hem in de zomer van 2024.

China Vandaag: Danny, jij woont inmiddels ongeveer twintig jaar in Xinjiang. Hoe is het om daar als Belg te leven?

Danny Decombel: Ik werk al meer dan 36 jaar in China en heb een groot deel van mijn leven hier doorgebracht. Xinjiang is voor mij niet alleen een regio waar ik zaken doe. Ik woon hier met mijn gezin, ontmoet dagelijks boeren, arbeiders, klanten en ondernemers en zie hoe de samenleving verandert.

Dat geeft je natuurlijk een ander perspectief dan wanneer je Xinjiang alleen kent uit nieuwsberichten of rapporten. Tegelijk betekent het niet dat je alles wat de overheid doet automatisch goedkeurt. Je ziet hier zowel de redenen waarom bepaalde maatregelen zijn genomen als de keerzijde ervan.

China Vandaag: Laten we meteen naar het gevoeligste onderwerp gaan. Hoe kijk je naar de aanpak van de Chinese overheid van terrorisme en religieus extremisme?

Danny Decombel: Ik begrijp waarom de Chinese regering hard heeft ingegrepen. Er waren daadwerkelijk gewelddadige aanslagen en er bestonden netwerken die aansluiting zochten bij radicale groeperingen in Centraal-Azië en elders.

Maar ik vind ook dat de reactie soms buitensporig kon zijn tegenover moslims. Er werd niet altijd voldoende onderscheid gemaakt tussen mensen die gewoon een rustig en religieus leven leiden en mensen die zich daadwerkelijk met extremistische organisaties verbonden hadden.

Dat onderscheid is belangrijk.

China Vandaag: Xinjiang is etnisch bijzonder divers. Hoe ziet die samenleving er volgens jou uit?

Danny Decombel: Heel anders dan veel mensen zich in Europa voorstellen. In het zuiden wonen verschillende bevolkingsgroepen door elkaar: Oeigoeren, Kirgiezen, Tadzjieken, Tataren, Hui en anderen. In het noorden is de bevolking opnieuw anders samengesteld, met een grotere Han-bevolking naast verschillende andere etnische groepen.

Je moet Xinjiang dus niet voorstellen als één homogene gemeenschap.

Bovendien ligt de regio geografisch op een bijzondere plaats. Xinjiang grenst aan landen als Afghanistan en Pakistan en vormt tegelijk een belangrijk kruispunt van de Nieuwe Zijderoutes. Dat maakt de regio economisch belangrijk, maar vanuit veiligheidsperspectief ook gevoelig.

China Vandaag: Er zijn sinds de jaren negentig verschillende aanslagen geweest. Hoe groot was die dreiging volgens jou?

Danny Decombel: Er zijn door de jaren heen inderdaad verschillende gewelddadige incidenten geweest. In het Westen herinneren mensen zich vooral de aanslagen in bijvoorbeeld Beijing, Kunming en Urumqi, maar er waren ook andere incidenten.

Wat mij opvalt, is dat de Chinese reactie fundamenteel verschilde van de manier waarop westerse landen na 11 september 2001 reageerden.

In de Verenigde Staten en andere westerse landen volgden militaire interventies in Afghanistan en Irak en later ook betrokkenheid bij de oorlog in Syrië. China heeft veel sterker ingezet op binnenlandse controle, politiewerk, preventie en economische en sociale integratie.

Je kunt over de Chinese methode kritisch zijn — en dat moet ook kunnen — maar het is een andere benadering.

China Vandaag: Tegelijkertijd wordt juist die Chinese aanpak zwaar bekritiseerd. Er wordt gesproken over massale controle, onderdrukking en ‘heropvoedingskampen’. Hoe ervaar jij dat zelf?

Danny Decombel: Je kunt onmogelijk zeggen dat er niets aan de hand is. Natuurlijk is er een veiligheidsprobleem geweest. Anders zou de overheid ook niet zo sterk hebben ingegrepen.

Wat mij persoonlijk wel zorgen baarde, was de enorme uitbreiding van controles en beperkingen. Vooral ongeveer negen à tien jaar geleden werden die veel intensiever.

Ik heb dat als ondernemer ook rechtstreeks meegemaakt. Tijdelijke werknemers die naar de regio kwamen, moesten zich bijvoorbeeld onmiddellijk bij de politie melden. Ze werden beoordeeld en bij een negatieve beoordeling konden ze niet worden aangenomen. Dat gold vooral voor mensen die uit buurlanden kwamen.

Ook de beveiliging in steden en industriële zones werd sterk uitgebreid. In de industriezone waar mijn bedrijf gevestigd is, bij Shawan, kwamen bewakingscamera’s, beveiligingssystemen en extra beveiligers. Die mensen kregen bovendien speciale opleidingen.

Dat is allemaal zichtbaar.

China Vandaag: Dus je zegt eigenlijk: er was wel degelijk een veiligheidsprobleem, maar de manier waarop daarop is gereageerd roept ook vragen op?

Danny Decombel: Precies. Je moet die twee dingen naast elkaar kunnen zetten.

Er waren veiligheidsproblemen en radicalisering. Tegelijkertijd zijn zeer vergaande controlemechanismen ingevoerd. Dat laatste mag je niet zomaar wegwuiven.

Maar ik vind het ook opmerkelijk hoe sommige beschrijvingen in het Westen vervolgens worden toegepast op de hele samenleving.

Hier waar ik woon, zie ik bijvoorbeeld een grote diversiteit aan talen en dialecten. En ik zie moskeeën die gewoon vol zitten.

Daarom vind ik het moeilijk om het beeld te herkennen van een samenleving waarin religie volledig verboden zou zijn.

China Vandaag: Er wordt in het Westen ook gesproken over een vernietiging van de Oeigoerse cultuur.

Danny Decombel: Dat vind ik een ingewikkeld debat. Ik herken sommige van die beschrijvingen niet in mijn dagelijkse omgeving.

Er wordt bijvoorbeeld gezegd dat de regionale taal en religie niet meer beoefend mogen worden. Maar ik zie hier een ongelooflijke taalkundige diversiteit en ik zie dat mensen hun religie beleven.

Dat betekent niet dat er geen veranderingen zijn. Natuurlijk verandert de samenleving. Maar verandering is iets anders dan automatisch culturele vernietiging.

China Vandaag: Hoe verklaar je dan de zeer strenge maatregelen van de Chinese overheid?

Danny Decombel: De geografische ligging speelt een grote rol. Xinjiang is zowel een grensgebied als een strategisch knooppunt voor de Nieuwe Zijderoutes. De Chinese overheid is daardoor bijzonder gevoelig voor separatistische bewegingen, extremisme en mogelijke buitenlandse beïnvloeding.

Daarnaast heeft Beijing de ervaringen in andere delen van China en de wereld meegewogen. De opstanden in Tibet in 2008 waren bijvoorbeeld een belangrijk referentiepunt.

Vanuit het perspectief van de Chinese overheid is stabiliteit een absolute prioriteit.

China Vandaag: Maar waar eindigt veiligheid en begint politieke controle?

Danny Decombel: Dat is precies de moeilijke vraag. Ik denk dat je beide kanten moet bekijken.

De Chinese overheid wilde voorkomen dat extremisme en separatisme verder zouden groeien. Maar daarvoor zijn maatregelen gebruikt die voor iemand uit België zeer vergaand kunnen lijken.

Tegelijkertijd is er ook sterk ingezet op integratie: mensen opleiden, werkgelegenheid creëren en hun levensstandaard verbeteren.

Dat brengt ons bij een ander aspect dat volgens mij vaak onderbelicht blijft.

China Vandaag: Namelijk de economische ontwikkeling?

Danny Decombel: Ja. Als ik met boeren, klanten of arbeiders in de katoensector praat, hoor ik zelden dat ze bezig zijn met revolutie, aanslagen of onafhankelijkheid.

De meeste mensen willen gewoon wat mensen overal ter wereld willen: een beter leven.

Ze willen een stabiele baan, doorgroeimogelijkheden, een eigen bedrijf kunnen opbouwen en betere medische voorzieningen voor hun gezin.

Dat klinkt misschien banaal, maar het is belangrijk. De meeste mensen zijn helemaal niet voortdurend bezig met grote geopolitieke vraagstukken.

China Vandaag: Eigenlijk willen ze gewoon hetzelfde als mensen in België?

Danny Decombel: Ja. Dat is misschien wel een van de belangrijkste dingen die ik na al die jaren in China heb geleerd.

We praten vaak over bevolkingsgroepen, etniciteit, religie en politiek. Maar uiteindelijk zijn er heel veel gewone menselijke behoeften die overal hetzelfde zijn.

Een baan. Een woning. Gezondheid. Een toekomst voor je kinderen. Sociale zekerheid.

China Vandaag: Je noemt sociale zekerheid. Hoe werkt dat in China?

Danny Decombel: China heeft daarin de afgelopen decennia enorme veranderingen doorgemaakt. Er kwam in 2011 een uniformer nationaal socialezekerheidsstelsel. Dat omvat onder meer ouderdoms-, werkloosheids- en ziektekostenverzekering, verzekering tegen arbeidsongevallen en een moederschapsverzekering.

Daarnaast bestaan er regionale systemen die rekening houden met lokale omstandigheden.

Ook het pensioenstelsel werd hervormd. En er is een woningfonds waarmee werknemers onder bepaalde voorwaarden tegen relatief lage rente kunnen lenen voor de aankoop van een woning.

Wat mij persoonlijk verraste, is dat ook buitenlanders uiteindelijk in het systeem werden opgenomen. Wij kregen in 2011 te horen dat ook expats sociale bijdragen moesten betalen.

Ik betaal dus sociale bijdragen in China én in België.

China Vandaag: Als je na twintig jaar Xinjiang één ding zou mogen veranderen aan de manier waarop Europa naar de regio kijkt, wat zou dat dan zijn?

Danny Decombel: Ik zou vooral willen dat mensen zelf proberen onderscheid te maken.

Er zijn reële veiligheidsproblemen geweest. Er zijn vergaande maatregelen genomen. Daarover moet je kritisch kunnen praten.

Maar Xinjiang is meer dan dat.

Het is ook een samenleving met miljoenen mensen die werken, ondernemen, gezinnen hebben, religie beleven, onderwijs volgen en gewoon een beter leven willen.

Als je alleen door de bril van terrorisme, mensenrechten of geopolitiek naar Xinjiang kijkt, mis je een groot deel van de werkelijkheid.

En als je alleen maar het Chinese officiële verhaal overneemt, mis je eveneens een deel.

China Vandaag: Dus na 36 jaar China en twintig jaar Xinjiang is je conclusie vooral: kijk zelf, en probeer beide kanten te begrijpen?

Danny Decombel: Ja. Ik denk dat je vooral moet oppassen voor eenvoudige verhalen.

Xinjiang is complex. Er zijn veiligheidsproblemen geweest. Er zijn strenge maatregelen genomen. Er zijn ook grote economische en sociale veranderingen.

Maar achter al die grote woorden zitten gewone mensen. En als je dagelijks met hen praat, merk je dat hun zorgen vaak veel eenvoudiger zijn dan het internationale debat doet vermoeden.

China Vandaag: Misschien is dat uiteindelijk de belangrijkste les van twintig jaar wonen in Xinjiang.

Danny Decombel: Dat denk ik wel. Je kunt een regio niet werkelijk begrijpen als je haar alleen vanop afstand bekijkt.

Je moet er wonen, werken, met mensen praten en zien hoe hun dagelijks leven eruitziet. Pas dan wordt het beeld ingewikkeld. En juist die ingewikkeldheid moeten we durven aanvaarden.

Gebaseerd op fragmenten uit een interview van China Vandaag met Danny Decombel uit de zomer van 2024, gepubliceerd in het herfstnummer van 2024.