BBC over Xinjiang: een ideologische clash gezien vanuit Singapore

Lianhe Zaobao is een Chinese krant in Singapore. Ze verklaart het abrupte vertrek van de BBC-correspondent uit China vanuit een clash tussen ideologieën en stelt de neutraliteit van de media in vraag

Singapore zit op het snijvlak van Chinese en westerse invloeden. De Engelstalige website ThinkChina die artikelen van de Lianhe Zaobao vertaalt brengt daardoor regelmatig voor westerlingen verrassende visies.
Het artikel ‘BBC vs CCTV’s Xinjiang: Which is the real Xinjiang?’ gaat in op het abrupte vertrek van BBC-correspondent John Sudworth uit Beijing. Hij verkast naar Taiwan.

Het artikel stelt vast dat er twee tegengestelde verhalen zijn over dat vertrek. Is het een ‘vlucht’ of is de man ‘buitengepest’ ? Er zijn ook twee tegengestelde verhalen over zijn reportages, in het bijzonder over de Oeigoerse meisjes in een fabriek in Anhui. Is zijn reportage ‘vals’ of hebben Chinese ambtenaren echt Oeigoerse meisjes gedwongen weg te trekken uit hun geboortestreek om elders in een fabriek te gaan werken zoals Sudworth beweert.

Vertrek of vlucht

Sudworth zegt dat hij weg gaat omwille van de onhoudbare druk en de bedreigingen door de Chinese overheid. Naar eigen zeggen werd hij bedreigd met rechtszaken, en gesurveilleerd en lastig gevallen telkens wanneer hij iets wilde filmen. BBC schrijft dat zijn ‘rapporten waarheden blootgelegd hebben waarvan de Chinese overheid niet wilde dat ze bekend werden en dat hij daarom onder druk gezet en bedreigd werd, vooral de voorbije weken nadat hij gerapporteerd had over Xinjiang, de oorsprong van het COVID-19 virus en Hongkong’.

Woordvoerster Hua Chunying van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken zag dat anders op een persconferentie op 31 maart. ‘We hebben geen kennis van enige dreiging door enige Chinese overheid tegen hem’. Ze voegde eraan toe dat ‘sommige inwoners en bedrijven van Xinjiang zware verliezen geleden hebben door de valse rapporten van John Sudworth en van plan zijn voor de rechtbank schadevergoeding te vragen’. ‘Waarom vlucht hij weg, denkt u?’ besloot ze.

Rond zijn vertrek ziet ThinkChina dus twee interpretaties. Is hij een verdediger van mensenrechten en persvrijheid die door de macht gedwongen wordt te vertrekken, of is het eerder een vlucht van iemand met een slecht geweten?

Armoedebestrijding of schending mensenrechten?

Dezelfde tweespalt vindt het artikel in zijn reportages over Xinjiang. Hij maakte twee rapporten over de regio. In juni 2019 nam hij deel aan een door de overheid georganiseerd bezoek van journalisten aan de opleidingscentra in Xinjiang en schreef een verslag. Begin maart dit jaar maakte hij een verhaal over Oeigoerse vrouwen die werken in fabrieken in de provincie Anhui. Verbazingwekkend genoeg kwam zijn materiaal deels uit een nieuwsclip van de Chinese staatstelevisie van 2017 met als titel ‘Vrouwen van Pishan trekken ver weg om te gaan werken’.

Op het eerste gezicht brengen zijn reportages aanvullende informatie die niet behandeld wordt door de Chinese staatstelevisie. Maar daarachter ziet ThinkChina een ideologische kloof tussen de westerse en de Chinese benadering.

Of het nu gaat over de opleidingscentra of over de tewerkstelling van jonge Oeigoeren in meer ontwikkelde provincies, het doel van de Chinese overheid is steeds de Oeigoeren te integreren in de ontwikkeling van China. Armoedebestrijding is daar een belangrijk aspect van. Dat kan alleen indien sommige Oeigoeren hun arm dorp verlaten, de moderniteit aanvaarden en gaan werken in de industrie. Op die manier kunnen mogelijke voedingsbodems voor terrorisme en separatisme geëlimineerd worden. Vermits de grote meerderheid van de Chinezen Han zijn impliceert modernisering en industrialisering onvermijdelijk een zekere graad van sinizering.

Om te bereiken wat zij goed en juist vinden zagen de lokale overheden er geen probleem in Oeigoeren verplicht naar trainingscentra te sturen en hebben ze kaderleden uitgezonden om Oeigoerse jongeren te overtuigen buiten de regio te gaan werken.

De clip van de staatstelevisie uit 2017 toont kaders die al hun overredingskracht inzetten om Oeigoerse meisjes er van te overtuigen om te vertrekken. Dat wordt als iets positiefs gezien dat fier mag getoond worden. In het begin zijn de jongeren weinig enthousiast, maar uiteindelijk verlaten ze met tranen in de ogen hun familie en worden ze goed opgeleide fabriekswerksters. Voor de Chinezen was dit een aandoenlijk verhaal van volwassen worden, en hun tranen getuigden van hun moed.

Maar voor de BBC was dit het bewijs van dwang en het breken van de weerstand, met daarbij het vermoeden van ‘dwangarbeid’. Dat werd dan aangevuld met verhalen van westerse academici die zich afvragen of de Chinese regering onder het voorwendsel van armoedebestrijding de Oeigoerse bevolking in Xinjiang niet wil verdunnen en hun cultuur en familiebanden wil veranderen.

Opleidingscentrum of gevangenis?

Ook het verslag van Sudworth’s bezoek aan de opleidingscentra is leerzaam. De Chinese verantwoordelijken deden hun best om aan de journalisten gelukkige taferelen te tonen van Oeigoeren die Chinese taal leren en beroepskennis verwerven, en dansen en tekenen. Maar Sudworth was alleen geïnteresseerd in de vraag of de deelnemers er vrijwillig waren en of de opleidingscentra eigenlijk geen gevangenissen waren. Alles ophangen aan het aspect ‘vrijwilligheid’ toont de ideologische positie van de journalist. De vraag is natuurlijk belangrijk en moet gesteld worden, maar enkel daarop focussen reduceert een complexe situatie tot een zwart-wit verhaal.

Dat stelt de vraag wat objectieve en evenwichtige journalistiek moet zijn. Ook de frustratie van de Chinese ambtenaren die de moeite deden om de journalisten te ontvangen en interviews voor hen te regelen en dan het deksel op de neus kregen in de reportages is te begrijpen.

Vrije en neutrale pers?

De ideologische kloof bestaat natuurlijk al lang. Dat de spanningen vandaag oplopen is wel nieuw. De negatieve rapportering door westerse media is een onderdeel geworden van het Amerikaanse offensief tegen China. Mediabedrijven en journalisten zijn bewust of onbewust terecht gekomen in een wereldwijde machtsstrijd. De rivaliteit tussen de VS en China dwingt landen, bedrijven en media tot moeilijke keuzes. Hun manoeuvreerruimte wordt beperkt.

ThinkChina geeft als voorbeeld de al vermelde persconferentie van Hua Chunying. Ze was goed voorbereid en gaf veel voorbeelden om de westerse beschuldigingen te weerleggen. Maar haar redelijke antwoorden kwamen niet of nauwelijks in de westerse media. Uitlatingen van meer assertieve Chinese diplomaten, in westerse media omschreven als ‘wolf warriors’, worden daarentegen dik in de verf gezet en uitvergroot om ze tegen China te gebruiken.

Bron: ThinkChina

Print Friendly, PDF & Email
Voeg toe aan :

1 comment for “BBC over Xinjiang: een ideologische clash gezien vanuit Singapore

Een reactie achterlaten

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 karakters beschikbaar