
In China is op 30 maart de World Data Organisation (WDO) opgericht. Eén van de hoofddoelen is digitale inclusie in het mondiale Zuiden te bevorderen.
Buitenlandse betrekkingen, buitenlandse handel, internationale organisaties

In de enorme stroom publicaties over de westerse pogingen de Chinese ontwikkeling op het gebied van chips zo veel mogelijk te vertragen wordt vaak vergeten (vermoedelijk omdat de meeste journalisten leken op dit gebied zijn) dat er naast de chips zoals die met machines van ASML gemaakt worden ook nog andere types bestaan. China boekt ondanks alle tegenwerking voortgang op alle gebieden, maar extra in sommige alternatieve.

China blijft zijn economische invloed in Afrika verder uitdiepen. Dat bleek opnieuw tijdens het bezoek van vicepresident Han Zheng aan Kenia, Zuid-Afrika en de Seychellen (22–30 maart). Waar in Kenia vooral handelsakkoorden en infrastructuurprojecten centraal stonden, bieden Chinese investeringen in Zuid-Afrika een inkijk in de strategische uitbouw van een Afrikaanse markt voor elektrische voertuigen.

Iedereen weet intussen wel dat China de fabrikant en dus ook de exporteur van de wereld is. Dat eerste, fabrikant, is inmiddels enigszins aan het verminderen. China maakt een snelle verandering van lage prijzen naar high-tech door en andere landen nemen geleidelijk de rol van goedkope producent over. Daarnaast stimuleert de Chinese overheid ook export van diensten, waarin China nog duidelijk achter ligt.

De European Council on Foreign Relations (ECFR) heeft in januari van dit jaar een studie gepubliceerd met als titel: ‘How Trump Is Making China Great again – And What It Means For Europe’. Dit is een intrigerende titel en lijkt te duiden op een verandering van de bijna uitsluitend negatieve publicaties van de EU over China. Dit artikel vertaalt de samenvatting, inleiding en conclusies en bespreekt deze studie in een nawoord.

De Chinese investeringen in Centraal Azië blijven groeien en het meest in Oezbekistan. Het aandeel van grondstoffen in deze investeringen is, gedaald van 68 % naar 54 % ten voordele van de verwerkende industrie.. In de toekomst zal de klemtoon wellicht liggen op de primaire verwerking van grondstoffen binnen de regio