Schone technologie: hoopvolle Chinees-Afrikaanse samenwerking

De Chinees-Afrikaanse samenwerking rond groene energie steunt vandaag vooral op drie pijlers: handel en investeringen, opleiding en kennisoverdracht en nieuwe financieringsmechanismen. Als die combinatie werkt, kan ze op lange termijn veel verder reiken dan ‘alleen maar’ zonnepanelen of batterijen. Ze kan ook de basis leggen voor de ontwikkeling van lokale industrieën, nieuwe werkgelegenheid en een bredere energietransitie op het continent.

Kaart opgesteld door Carbon Brief Disclaimer

Jan Reyniers

De samenwerking groeit snel maar of ze ook op termijn succesvol wordt, hangt af van drie concrete stappen: de lokale kennis en kunde moet groeien, de technologische vernieuwing moet in functie staan van de plaatselijke noden en de Afrikaanse landen moeten in staat worden gesteld om zelf schone technologie te ontwikkelen.

De verschuivingen in de mondiale ‘groene’ handel zijn de laatste jaren (haast) spectaculair. Terwijl de export van Chinese zonnepanelen naar Europa en de Verenigde Staten vertraagt door invoerheffingen en strengere handelsregels, is er een snelle toename van de uitvoer ervan naar Afrika. Die stijging is te verklaren door de beginnende industriële ontwikkeling van het continent, waardoor de behoefte aan elektriciteit er sterk toeneemt.

In landen als Zuid-Afrika, waar stroomtekorten en (geplande) stroomonderbrekingen frequent voorkomen, worden Chinese zonnepanelen en batterijopslag grootschalig ingezet om het elektriciteitsnet te ontlasten. In Kenia gaat het vooral om zonne-energieoplossingen voor landelijke gebieden, waar kleine zonne-energiesystemen gezinnen toegang geven tot basisstroom. Ook in Nigeria groeit de markt voor goedkope zonne-installaties en mini-grids snel. Zij bieden een alternatief voor dure en vervuilende dieselgeneratoren. In Egypte wordt dan weer gewerkt aan grootschalige zonneparken en energie-infrastructuur, terwijl in Ethiopië Chinese investeringen bijdragen aan de elektriciteitsvoorziening voor industriële zones en plattelandsprojecten.

In de zoektocht naar betaalbare elektriciteit maken zowel China als talloze Afrikaanse landen de bewuste keuze om sterker samen te werken rond de ontwikkeling van schone technologie. China levert daarbij niet alleen zonnepanelen, maar ook batterijen, omvormers en financiering via staatsbanken en bedrijven zoals Huawei en BYD die actief zijn in energieopslag en elektrische infrastructuur. Zo ontstaat een wederzijdse dynamiek waarbij China zijn productiecapaciteit exporteert en Afrikaanse landen hun groeiende energiebehoefte sneller kunnen invullen.

Voor veel Afrikaanse landen draait die ‘groene’ samenwerking niet alleen om klimaatbeleid, maar ook om economische ontwikkeling. In regio’s waar elektriciteitsnetten zwak of onbestaand zijn, bieden zonne-energie en batterijsystemen een alternatief. Vooral gedecentraliseerde energiesystemen – kleine installaties voor dorpen, scholen of lokale bedrijven – winnen snel aan belang.

Vervuilende industrialisatie overslaan

Verschillende onderzoekers en beleidsorganisaties wijzen erop dat Afrika een unieke kans heeft om een deel van het klassieke, vervuilende industrialisatiepad over te slaan. In plaats van eerst langdurig afhankelijk te worden van steenkool en diesel, kunnen landen vandaag rechtstreeks investeren in hernieuwbare energie, opslagtechnologie en lokale netwerken.

Die visie krijgt steeds meer vorm via internationale samenwerkingsverbanden. Het Forum on China-Africa Cooperation (FOCAC) vormt qua groene energie een belangrijk speerpunt. Ook organisaties zoals het World Resources Institute (WRI) ondersteunen initiatieven rond zonne-energie, opleiding en financiering van lokale projecten.

China engageerde zich ook om via het Africa Solar Belt Program 50.000 gezinnen toegang te geven tot off-grid zonne-energie. Dat programma legt de nadruk op kleinere, lokaal inzetbare projecten in plaats van op grote infrastructuurwerken.

Uitdagingen

Toch verloopt de samenwerking niet zonder problemen. Een eerste uitdaging is de beperkte kennis van de Afrikaans markt. Veel Chinese bedrijven kennen de Afrikaanse energiemarkten onvoldoende en hebben weinig zicht op lokale regelgeving, infrastructuur of concrete noden. Daarom verschijnen er in China steeds vaker rapporten en marktanalyses over het investeringsklimaat en het energiebeleid in landen als Kenia, Rwanda en Ethiopië.

Daarnaast is er het probleem van lokale afstemming. Technologie die in China succesvol is, is niet automatisch geschikt voor landelijke regio’s of voor snelgroeiende steden in Afrika. Projecten lopen vaak vertraging op omdat ze onvoldoende rekening hielden met lokale omstandigheden of met de beschikbare onderhoudscapaciteit.

Een derde knelpunt is het tekort aan technisch geschoolde arbeidskrachten. Afrikaanse partners vragen niet alleen toegang tot performante apparatuur, maar ook tot opleiding, kennisoverdracht en technische ondersteuning. Verschillende samenwerkingsprogramma’s zetten daarom steeds sterker in op beroepsopleiding en lokale expertise.

Technologieoverdracht blijft moeilijk

De moeilijkste kwestie blijft wellicht de technologieoverdracht zelf. Hoewel Afrika rijk is aan grondstoffen die nodig zijn voor batterijen en zonnepanelen, gebeurt de verwerking en productie ervan nog grotendeels buiten het Afrikaanse continent. Daardoor wordt het grootste deel van de toegevoegde waarde nog buiten Afrika gecreëerd, vooral dan in China.

De uitblouw van lokale, Afrikaanse productie is echter niet eenvoudig. Het ontbreekt er al te vaak (nog) aan stabiele elektriciteitsnetten, logistiek, geschoolde arbeidskrachten en voldoende schaalgrootte.

Financiering als achilleshiel

Ook de financiering is vaak een struikelblok. Investeringen in Afrikaanse energieprojecten blijven uit door wisselkoersrisico’s, hoge rentevoeten, onduidelijke regelgeving en politieke onzekerheid. Internationale instellingen en ontwikkelingsbanken vragen zware garanties, waardoor kleinere lokale bedrijven moeilijk toegang krijgen tot kapitaal. Bij westerse donoren bestaat bovendien ook de vrees dat hún financiering vooral Chinese bedrijven ten goede zou komen. Ook zij weten dat Beijing de voorbije decennia een vaste economische voet kreeg in zowat het hele Zwarte Continent.

Die moeilijkheden leiden tot de toename van een zogenoemde ‘hybride financiering’, waarbij overheden, ontwikkelingsbanken en private – vaak Chinese – investeerders samenwerken om energieprojecten te financieren. Een treffend voorbeeld daarvan is het TFC-zonnepark in Zuid-Afrika (100 MW), waar het staatsbedrijf China General Nuclear Power Group (CGN) samenwerkt met het China-Africa Development Fund en met de China Construction Bank om een zonnecentrale te bouwen die een lokale chroomsmelterij van stroom moet voorzien. Een ander voorbeeld is de bredere investeringsstrategie van het Silk Road Fund dat wereldwijd in infrastructuur en energie investeert, vaak via samenwerkingen met regionale investeringsfondsen. In Afrika doen ze dit onder meer via infrastructuur- en energiegerichte fondsen waaraan ook westerse en Afrikaanse investeerders participeren. Het financiert onder meer hernieuwbare energieprojecten in Zuid-Afrika en datacenters met een lagere CO₂-uitstoot in Marokko en Senegal.

Die hybride financiering verlaagt alleszins de risico’s en overtuigt meer commerciële investeerders om de stap te zetten naar de ontwikkeling van Afrikaanse energieprojecten.

Drie pijlers voor de toekomst

De Chinees-Afrikaanse samenwerking rond groene energie steunt vandaag vooral op drie pijlers: handel en investering, opleiding en kennisoverdracht en nieuwe financieringsmechanismen. Als die combinatie werkt, kan ze op lange termijn veel verder reiken dan toelevering van zonnepanelen of batterijen. Afrika mag hopen dat ze ook de basis legt voor lokale industrie, nieuwe werkgelegenheid en een bredere energietransitie op het continent.

Hoopvol is alleszins dat de Chinees-Afrikaanse samenwerking snel groeit. Haar langetermijnsucces zal echter afhangen van verdere concrete stappen door te investeren in lokale kennis, door de technologie meer aan te passen aan de plaatselijke noden en door ervoor te zorgen dat de Afrikaanse landen niet alleen afnemers blijven, maar ook producenten en ontwikkelaars van schone technologie.

Bronnen: The drive to deepen China-Africa clean tech cooperation | Dialogue Earth; www.focac.org; www.wri.org; Xinhua.

ChinaSquare besteedt regelmatig aandacht aan de samenwerking tussen China en Afrika. Hier nekele van onze artikels:
https://www.chinasquare.be/bezondigt-china-zich-aan-kolonialisme-in-afrika/
ttps://www.chinasquare.be/belastingvrije-toegang-tot-china-ondersteunt-zuid-afrikaanse-landbouwexporteurs/
https://www.chinasquare.be/afrikaanse-unie-verwelkomt-versterkte-samenwerking-met-china/