Gematigd optimistisch Politbureau werkt aan economie op langere termijn

Het Chinese Politbureau vergaderde voor het eerst dit jaar over de toestand van de economie. Er zijn geen extra stimulansen op korte termijn vereist; de focus verschuift naar structurele aanpassingen, zoals infrastructuur die beter bestand is tegen externe schokken en het tegengaan van moordende concurrentie in sommige sectoren. We overlopen de nieuwe klemtonen in het verslag dat verscheen in de partijkrant Renmin Ribao.

Toeristen in Kunming Foto: Xinhua/Zheng Yi Disclaimer

Relatief optimisme

Het Politbureau is relatief optimistisch over de economie. ‘De Chinese economie is het jaar sterk begonnen, met belangrijke indices die beter zijn dan verwacht, en met een sterke weerbaarheid en vitaliteit’.

Tegelijk erkent het Politbureau dat er nog moeilijkheden en uitdagingen zijn en dat de basis voor een economisch duurzame, stabiele en positieve ontwikkeling nog verder moet worden versterkt.

Maar in vergelijking met teksten van vorig jaar wordt de kloof tussen vraag en aanbod niet meer expliciet genoemd in de inleiding, en lijkt de aanpak van de uitdagingen minder dringend van aard.

Evenwicht tussen korte en lange termijn

Op korte termijn moet de Chinese economie voldoende groeien om de tewerkstelling op peil te houden. Maar op langere termijn is het streefdoel de omschakeling van kwantitatieve naar kwalitatieve groei. Het is zaak de optimale verhouding tussen deze twee doelstellingen te vinden.

Uit het verslag blijkt dat er op korte termijn geen grote extra inspanningen nodig zijn om de groei te versnellen. Daardoor ontstaat dus meer ruimte voor structurele economische hervormingen.

Een voorbeeld hiervan is de monetaire politiek. Er wordt niet gesproken over mogelijke stimulatie door het verlagen van de rentevoeten, maar wel wordt gevraagd dat de monetaire strategie proactiever en efficiënter wordt. Ook op fiscaal vlak ligt er een nieuwe nadruk op een ‘precieze en effectieve’ politiek en een oproep om ‘de structuur van de fiscale uitgaven te optimaliseren’, met andere woorden het belastinggeld beter te gebruiken. Bijkomende fiscale stimuleringsmaatregelen worden niet vermeld.

Expansie van de dienstensector en van de netwerkinfrastructuur

Om de binnenlandse vraag te verhogen zal men vooral streven naar meer en betere diensten. Daarnaast zal de overheid investeren in infrastructuur. De overheidsinvesteringen gaan vooral naar ‘zes netwerken’: het waternet, een vernieuwd elektriciteitsnet, het rekenkracht­netwerk, het communicatienetwerk van de nieuwe generatie, stedelijke ondergrondse pijpleidingen en het logistieke netwerk. De band met technologische en digitale zelfstandigheid en energieveiligheid is onmiskenbaar.

De opstart van grote engineeringprojecten zal versneld worden, maar enkel ‘wanneer de omstandigheden er rijp voor zijn’. Men zal dus geen ondoordachte megaprojecten lanceren om de groeicijfers op te krikken.

Een modern industrieel systeem

Het rapport vraagt een meer intensieve aanpak van de moordende concurrentie (‘involutionary competition’) in sommige sectoren. Door overcapaciteit verkopen bedrijven praktisch zonder winstmarges. Daardoor verzwakt hun capaciteit voor innoverende investeringen en neemt ook de ruimte voor loonsverhogingen af. Er komen ‘structurele aanpassingen’,

Tegelijk komt er een versnelling in de uitbouw van een modern industrieel systeem. Hoewel de strijd tegen moordende concurrentie ongetwijfeld tot een aantal sluitingen zal leiden, moet ‘de fabrieksproductie toch een redelijk aandeel van de economie blijven uitmaken’.

Weerbaarheid en zekerheid

In de paragraaf over aan te pakken risico’s vinden we naast de stabilisatie van de vastgoedsector door stadsvernieuwing en het verminderen van de schulden van lokale overheden ook een nieuwe focus op laattijdige betalingen van leveranciers door de overheid.

Als reactie op de recente geopolitieke turbulentie benadrukt het Politbureau dat het ‘systematisch een antwoord wil bieden op externe schokken en uitdagingen, en de veiligheid van energie- en grondstofvoorzieningen wil verbeteren’.

Bronnen: Partijblad Renmin Ribao in Engelse vertaling door Manoj Kewalramani.